Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Podt over “Toezichthouder en ministerie van landbouw negeren EU-regels die kalfjes moeten beschermen, zeggen experts”
Vragen van het lid Podt (D66) aan de Minister van Landouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over het bericht «Toezichthouder en Ministerie van Landbouw negeren EU-regels die kalfjes moeten beschermen, zeggen experts» (ingezonden 12 december 2024).
Antwoord van Minister Wiersma (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) (ontvangen
4 maart 2025). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2024–2025, nr. 1048.
Vraag 1
Erkent u dat sociaal isolement schadelijk is voor het welzijn van jonge kalfjes?1
Antwoord 1
Ja
Vraag 2
Herkent u het beeld dat de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) niet handhaaft
als pasgeboren kalveren in Nederland op afstand worden gezet omdat de Nederlandse
wet niet toereikend is en in strijd met de Europese Unie (EU)-richtlijn (2008/119/EC)?
Antwoord 2
In het Besluit houders van dieren (Bhvd) is vastgelegd hoe kalveren gehuisvest moeten
worden. Dit besluit is gebaseerd op de Kalverrichtlijn (Richtlijn 2008/119/EG). Artikel 2.33,
tweede lid, van het Bhvd luidt: Met uitzondering van een eenlingbox die voor het isoleren
van zieke dieren wordt gebruikt, zijn de wanden van een eenlingbox zodanig uitgevoerd
dat naast elkaar gehouden kalveren elkaar kunnen zien en aanraken. Het Besluit houders
van dieren implementeert daarmee de Kalverrichtlijn. In deze richtlijn is namelijk
niet voorgeschreven dat lidstaten in hun regelgeving een verplichting moeten opnemen
om kalveren naast elkaar te houden. Zo mogen veehouders ruimte laten tussen twee iglo’s
met uitloop, of kalveren huisvesten in eenlingboxen met opengewerkte wanden waarbij
tussen beide kalveren een hok wordt leeggelaten. Omdat het naast elkaar houden geen
vereiste is, kan de NVWA hierop niet handhaven.
Vraag 3
Kunt u bevestigen dat de regels over het elkaar moeten kunnen zien en aanraken kalveren
in Nederland minder beschermen omdat ze alleen gelden voor «naast elkaar gehouden
kalveren», terwijl dit niet in de Europese regels staat?
Antwoord 3
Nee, dat kan ik niet bevestigen. De Kalverrichtlijn zegt dat individuele kalverhokken
geen muren mogen hebben, maar open afscheidingen voor visueel en lichamelijk contact
tussen kalveren. Dit is ook zo vastgelegd in de Nederlandse wetgeving. De toevoeging
«naast elkaar gehouden kalveren» in dit artikel is een verduidelijking en geen nationale
aanscherping ten opzichte van de richtlijn. Het Besluit houders van dieren volgt daarmee
de minimumnorm zoals gesteld in de Kalverrichtlijn en is dus niet minder streng dan
de Europese richtlijn.
Vraag 4
Kunt u bevestigen dat de Nederlandse toelichting op de wet aangeeft dat het voldoende
is wanneer kalveren elkaar over de (dichte) wand heen kunnen zien, terwijl de Europese
wetgeving aangeeft dat de wand niet dicht mag zijn, maar moet zijn geperforeerd?
Antwoord 4
In de nota van toelichting van het Besluit houders van dieren (Stb. 2014, 210, blz. 114, ad «Artikel 2.33») staat: «Voor wat de uitvoering van een eenlingbox betreft,
wordt in artikel, 2.33, tweede lid, bepaald dat de wanden van een box zodanig moeten
zijn uitgevoerd dat de kalveren in aangrenzende boxen elkaar kunnen zien en aanraken.
Hiervan is onder meer sprake indien de kalveren over de wanden van de eenlingenbox
heen kunnen kijken». In deze laatste zin is het woord «aanraken» weggevallen. Dit
is een fout in de toelichting. Aangezien een toelichting op een algemene maatregel
van bestuur van zichzelf geen normatieve kracht heeft, belemmert deze fout in de toelichting
een goede uitvoering en handhaving van de voorschriften niet.
Vraag 5
Kunt u bevestigen dat in de huidige praktijk veel melkveehouders pasgeboren kalveren
in eenlingboxen of iglo's vaak geen enkele contactmogelijkheid met andere kalveren
geven?
Antwoord 5
Gegevens over aantallen pasgeboren kalveren die geen contactmogelijkheden hebben met
andere kalveren worden niet bijgehouden. Wel is tijdens inspecties van de NVWA in
de afgelopen vijf jaar vijf maal geconstateerd dat de huisvesting van kalveren niet
voldeed aan het Besluit houders voor dieren. In alle gevallen ging dit om kalveren
die in eenlingboxen naast elkaar werden gehouden waarbij het zien en aanraken van
andere kalveren werd belemmerd.
Vraag 6
Kunt u beamen dat in 2015 al duidelijk was dat Nederland de Europese richtlijn niet
naar behoren heeft geïmplementeerd?
Antwoord 6
Nee, zie mijn antwoord onder vraag 3.
Vraag 7
Welke concrete actie is ondernomen om te zorgen dat de Nederlandse wet en de Europese
richtlijn wel in lijn zijn met elkaar?
Antwoord 7
Het Besluit houders van dieren volgt de minimumnorm zoals gesteld in de Kalverrichtlijn.
Zie mijn antwoord onder vraag 3.
Vraag 8
Klopt het dat de NVWA uw ministerie heeft gevraagd de wet op dit punt aan te passen?
Zo ja, wat is er sindsdien met dit verzoek gebeurd en wat is daarvan de huidige stand
van zaken?
Antwoord 8
De NVWA heeft gesignaleerd dat de huidige regelgeving niet aansluit bij de wens dat
kalveren elkaar kunnen zien en aanraken en heeft dit besproken met medewerkers van
mijn ministerie. De huisvesting van kalveren wordt meegenomen in het traject naar
een nog meer dierwaardigere veehouderij.
Vraag 9
Is de Europese Commissie op de hoogte gesteld van deze fout? Zo ja, wanneer, wat was
haar reactie en wat is de stand van zaken momenteel? Zo nee, wanneer zal u dat doen?
Antwoord 9
De Kalverrichtlijn is correct geïmplementeerd in de Nederlandse regelgeving; er is
dus geen sprake van een fout. Het Besluit houders van dieren is net zo streng als
de Kalverrichtlijn. EU-landen moeten richtlijnen omzetten in nationale wetgeving en
deze omzettingsmaatregelen doorgeven aan de Europese Commissie. Dit is destijds gedaan.
Vraag 10
Kunt u toelichten waarom uw ministerie tegen het NRC ontkende dat de discrepantie
tussen de Nederlandse en Europese regelgeving bestaat?
Antwoord 10
Zie mijn antwoord op vraag 2 en 3.
Vraag 11
Deelt u de mening van mevrouw Felde dat de manier waarop de Europese wet moet worden
geïnterpreteerd «overeenkomt met het doel ervan, namelijk de bescherming van kalveren»?
Antwoord 11
De Kalverrichtlijn schrijft lidstaten voor welke regels ter bescherming van het welzijn
van kalveren ten minste moeten zijn opgenomen in nationale regelgeving. Die regels
heeft Nederland opgenomen in het Besluit houders van dieren. De tekst van de richtlijn
is hier leidend. Wanneer er meer maatregelen vereist zijn om kalveren te beschermen
dan in de huidige richtlijn zijn voorgeschreven, kan de Europese Unie het initiatief
nemen om de minimumregels aan te scherpen, of kan een lidstaat de ruimte nemen om
in aanvulling op de minimumvereisten van de Europese Unie nationale regels te stellen.
Vraag 12
Op welke termijn zal u de wet aanpassen om deze te rectificeren en dierenwelzijn onder
kalfjes te vergroten?
Antwoord 12
Rectificatie is niet nodig, de Kalverrichtlijn is correct geïmplementeerd in de Nederlandse
regelgeving. De huisvesting van kalveren wordt meegenomen in het traject naar een
nog meer dierwaardigere veehouderij. Aankomende zomer zal ik de amvb dierwaardige
veehouderij aan de Kamers voorhangen.
Vraag 13
Hoeveel Nederlandse veehouders zetten nu hun kalfjes apart?
Antwoord 13
Zie mijn antwoord op vraag 5.
Vraag 14
Deelt u de mening dat het zeer onwenselijk is, in het kader van een dierwaardige veehouderij,
dat kalveren in hun eerste weken niet kunnen rondlopen, ontdekken en spelen, tegen
hun natuurlijk gedrag in?
Antwoord 14
In het traject naar een nog meer dierwaardige veehouderij wordt gezocht naar een goede
invulling van de leidende principes zoals ontwikkeld door de Raad voor de Dieraangelenheden.
Het gaat hier vooral om een goede balans tussen het voorzien in gedragsbehoeften en
het waarborgen van een goede gezondheid. Ik kan niet vooruitlopen op de uitkomsten
van dit traject.
Vraag 15
Kunt u bevestigen dat de European Food and Safety Autority (EFSA) sociaal contact
tussen kalveren «one of the key needs for calves» noemt en dat EFSA concludeert dat
het ontnemen van sociaal contact bij kalveren tot meer stress en angst leidt en dat
deze geïsoleerde kalveren achterblijven in natuurlijk gedrag zoals onderzoeken, zuigen
en spelen en ze minder goed eten, bewegen en rusten?2
3
Antwoord 15
De EFSA heeft in dit rapport, een literatuuronderzoek door dierenartsen en gedragswetenschappers
en de ervaringen van experts («expert opinions»), inderdaad nadelen geschetst bij
de individuele huisvesting van kalveren.
Tegelijkertijd is er vaak wel een reden voor individuele huisvesting van kalveren
na geboorte. Dat gebeurt vaak omdat ze in die periode extra kwetsbaar zijn. Door ze
individueel te huisvesten kan een veehouder goed in de gaten houden of het kalf voldoende
drinkt en geen ziekteverschijnselen vertoont.
Vraag 16
Onderschrijft u het advies van EFSA om pasgeboren kalveren enige tijd bij de moederkoe
te gunnen en om eenlingboxen in het geheel te verbieden door groepshuisvesting tot
zeven kalveren te verplichten, uitgezonderd zieke kalveren? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 16
Ik ben in het traject om tot een nog meer dierwaardige veehouderij te komen in gesprek
met wetenschappers, Dierenbescherming en melkveesector. Het EFSA-advies wordt hierbij
meegenomen.
Vraag 17
Erkent u dat volgens wetenschappers groepshuisvesting voor kalveren vanaf dag één
verplicht zou moeten zijn?
Antwoord 17
Er is op dit moment geen wetenschappelijke consensus over dit onderwerp. In het traject
naar een nog meer dierwaardige veehouderij nemen we beschikbare wetenschappelijke
kennis mee en maken we afspraken over het opstellen van een kennisagenda.
Vraag 18
Gaat u verplichte groepshuisvesting voor kalfjes van alle leeftijden en dus een verbod
op eenlingboxen opnemen in de uitwerking van de regelgeving voor een dierwaardige
veehouderij?
Antwoord 18
Aankomende zomer zal ik de ontwerp-amvb dierwaardige veehouderij aan de beide Kamers
voorhangen. Ik kan nu niet op vooruitlopen op de inhoud van de ontwerp-amvb.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
F.M. Wiersma, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.