Brief regering : Uitvoering van de motie van het lid Veltman over een plan om te komen tot een landelijk gestandaardiseerde uitzondering van zero-emmissiezones voor ondernemers tot 2029 (Kamerstuk 36600-XII-37)
36 600 XII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (XII) voor het jaar 2025
Nr. 66
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 november 2024
Op 22 oktober 2024 heeft de Kamer de motie-Veltman1 (VVD) aangenomen. De motie verzoekt om met een plan te komen hoe invulling kan worden
gegeven aan een landelijk gestandaardiseerde uitzondering op zero-emissiezones voor
ondernemers tot 2029.
In het regeerprogramma staat de volgende passage over zero-emissiezones:
«Het kabinet vindt het belangrijk dat de binnensteden voor ondernemers bereikbaar
blijven. Bezien wordt op welke manier het instellen van zero-emissiezones kan worden
uitgesteld, onder andere om uitzonderingen voor bijvoorbeeld ondernemers landelijk
te kunnen regelen (standaardiseren). We streven naar een uniform toegangsregime en
bebording van deze zones, rekening houdend met ondernemers die gefaseerd overstappen
op een elektrisch voertuig. De instelling van zero-emissiezones blijft een gemeentelijk
besluit. Eind 2024 maken we hierover afspraken met partijen en leggen die vast in
een nieuw convenant.»
In deze brief wordt toegelicht welke stappen ondernomen worden om uitvoering te geven
aan deze motie en het regeerprogramma.
Context
Een zero-emissiezone (ZE-zone) is een gebied in een stad waarin bestel- en vrachtauto’s
die schadelijke stoffen uitstoten, geweerd worden. Het doel van de ZE-zones is het
verbeteren van de luchtkwaliteit en het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen.
In de discussie rondom zero-emissiezones gaat het niet zozeer om het doel van de zones
zelf – niemand is tegen schone lucht – maar om de vraag of het voor ondernemers haalbaar
is om de overstap te maken naar een elektrisch bedrijfsvoertuig. Het toegangsregime
geldt alleen voor voertuigen voor zakelijk gebruik, particulieren krijgen een ontheffing.
Inmiddels hebben 29 gemeenten een besluit tot invoering van een zero-emissiezone genomen.
In 14 gemeenten start de zero-emissiezone per 1 januari 2025. Anderen volgen uiterlijk
in 2030.
Het uitgangspunt van het beleid rond zero-emissiezones is dat ondernemers niet aan
het onmogelijke worden gehouden. Daarom is een uitgebreide set aan afspraken gemaakt
in de vorm van overgangsregelingen, vrijstellingen en ontheffingen om de transitie
voor de ondernemer mogelijk te maken. Ontheffingen kunnen geharmoniseerd en centraal
worden aangevraagd via het Centraal Loket dat door gemeenten en RDW is ontwikkeld.
Met het aannemen van de motie-Veltman heeft de Kamer aangegeven dat zij uitstel wil
voor ondernemers die nog niet kunnen meekomen in de transitie naar zero-emissie voertuigen.
Met onderstaande aanpak is in het kader van betrouwbaar bestuur een balans getracht
te vinden tussen enerzijds de eerder gemaakte afspraken en anderzijds de wensen van
de Kamer.
Stand van zaken
De afgelopen tijd is een zorgvuldig proces doorlopen waarin gesprekken hebben plaatsgevonden
met gemeenten, brancheorganisaties en belanghebbenden. Daaruit kan de conclusie worden
getrokken dat er op dit moment onvoldoende sprake is van de standaardisatie waar om
gevraagd wordt in het regeerprogramma:
• Wel geharmoniseerd: De overgangsregelingen en vrijstellingen voor ondernemers zijn
landelijk geregeld en gelden in alle gemeenten. Ook is landelijk afgesproken welke
ontheffingen in ieder geval in alle gemeenten gelden.
• Niet geharmoniseerd: Volgens de huidige afspraken moeten ondernemers twee van de landelijk
afgesproken ontheffingen in verschillende gemeenten los aanvragen, in plaats van dat
deze een landelijke werking hebben. Dit betreft: (1) een ontheffing wegens bedrijfseconomische
omstandigheden en (2) een ontheffing vanwege netcongestie via de hardheidsclausule.
Plan van aanpak
Om gehoor te geven aan de eerder gemaakte afspraken én de wens van de Kamer om de
zero-emissiezones uit te stellen, bestaat het plan van aanpak uit de volgende onderdelen:
– Het starten van een regulier AMvB-wetgevingstraject om de overgangsregeling voor emissieklasse
6 diesel bestelauto’s met een jaar te verlengen tot 1 januari 2029: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 wordt hiertoe aangepast met een
wijzigings-AmvB (algemene maatregel van bestuur) om ervoor te zorgen dat de overgangsregeling
voor bestaande diesel bestelauto’s met emissieklasse 6 wordt verlengd tot 1 januari
2029.
– Inzet op uitstel van boetes voor de zero-emissiezones voor één jaar. Na 6 maanden vindt een evaluatie plaats. Dan ga ik met gemeenten in gesprek of een
heel jaar boetevrij daadwerkelijk noodzakelijk is. Dit maakt het mogelijk om de zero-emissiezones
per 1 januari 2025 in te voeren (conform de wens van de gemeenten) en biedt ondernemers
extra tijd om zich voor te bereiden, omdat er in de eerste periode geen boetes worden
uitgedeeld (conform de wens van de Kamer).
– Nieuw convenant met gemeenten en brancheverenigingen: Samen met gemeenten, brancheorganisaties en belangenverenigingen wordt een nieuw
convenant ondertekend. Hierin worden de eerder gemaakte geharmoniseerde en gestandaardiseerde
afspraken opnieuw vastgelegd en aangescherpt, onder andere over de ontheffing voor
bedrijfseconomische omstandigheden en de ontheffing voor netcongestie. Deze twee ontheffingen
krijgen daarmee een landelijke werking terwijl deze eerst per gemeente aangevraagd
moesten worden. Met gemeenten wordt verder gewerkt om het aanvragen van een ontheffing
zo eenvoudig mogelijk te maken, met heldere informatievoorziening en een overzichtelijk
Centraal Loket voor ondernemers.
– Evaluatiemomenten zero-emissiezones: Als onderdeel van het convenant moet een duidelijk monitoringssysteem (dashboard)
worden opgenomen, waarmee op afgesproken momenten de effecten van de zero-emissiezones
geëvalueerd kunnen worden. Op basis van signalen wordt in samenwerking met de ondertekenaars
van het convenant (op bestuurlijk niveau) gezocht naar oplossingen om eventuele knelpunten
weg te nemen. Alle opties voor interventie worden hierbij in overweging genomen. Op
deze manier houden we zicht op welke ondernemers in de knel komen en de transitie
nog niet kunnen maken. Voor ondernemers moet de transitie te allen tijde haalbaar
en betaalbaar blijven.
Proces met gemeenten
Op 4 oktober 2024 heeft er een bestuurlijk overleg plaatsgevonden met de gemeenten
die in 2025 een zero-emissiezone zullen invoeren. De 14 gemeenten die per 1 januari
2025 een zero-emissiezone invoeren, hebben eenduidig aangegeven dat zij geen reden
zien om de invoering uit te stellen. Zij geven aan dat de reeds gemaakte afspraken
het resultaat zijn van een zorgvuldig proces met vele jaren afstemmingen en samenwerking
met Rijk en brancheorganisaties.
Na het aannemen van de motie-Veltman op 22 oktober 2024, is er gekeken hoe er op de
beste manier invulling kan worden gegeven aan het regeerprogramma én het verzoek van
de Kamer om met een plan te komen voor een landelijk gestandaardiseerde uitzondering
op zero-emissiezones voor ondernemers tot 2029. Daarbij zijn alle opties overwogen,
waaronder ook een spoed-AMvB (algemene maatregel van bestuur).
Er zijn met gemeenten verschillende constructieve gesprekken gevoerd. We hebben besproken
hoe we kunnen komen tot een plan dat recht doet aan het proces van de afgelopen jaren
én voldoende politiek draagvlak heeft. Het plan moet ondernemers meer tijd geven om
zich voor te bereiden op de komst van de zones én moet de regelgeving verder harmoniseren
en standaardiseren.
Het plan zoals beschreven in deze Kamerbrief is het resultaat van deze gesprekken.
Hierbij is een grote stap in de richting van de gemeenten gezet, omdat zij met dit
plan door kunnen gaan met de invoering per 1 januari 2025.
In de komende periode zal er intensief contact met de gemeenten zijn om gezamenlijk
verdere invulling te geven aan de uitwerking van dit plan.
Schone lucht en klimaatdoelstellingen
Het kabinet volgt de 55%-reductiedoelstelling voor 2030 ten opzichte van 1990, zoals
opgenomen in de Klimaatwet. Voor gemeenten is het invoeren van een zero-emissiezone
vooral gericht op schone lucht in de steden: het terugdringen van fijnstof (PM10)
en stikstofoxiden (NOx), en daarnaast ook het terugdringen van CO₂-uitstoot en geluidsoverlast (dB). Het
slagen van de zero-emissiezones en de transitie naar schoon vervoer levert een belangrijke
bijdrage aan het behalen van deze doelstellingen.
Tot slot
Het kabinet vindt het belangrijk dat ondernemers niet aan het onmogelijke worden gehouden
en dat het voor hen haalbaar is om de overstap te maken naar een elektrisch bedrijfsvoertuig.
Met dit plan kunnen gemeenten per 1 januari 2025 een start maken met de zones. En
creëren we voor ondernemers duidelijkheid en krijgen zij meer tijd om zich voor te
bereiden op de komst van de zero-emissiezones.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,
Ch.A. Jansen
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
C.A. Jansen, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.