Schriftelijke vragen : Het bericht ‘Pensioenen flink omhoog in nieuw stelsel: Stijging tot 8 procent’
Vragen van het lid Joseph (Nieuw Sociaal Contract) aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het bericht «Pensioenen flink omhoog in nieuw stelsel: Stijging tot 8 procent» (ingezonden 3 maart 2025).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Pensioenen flink omhoog in nieuw stelsel: Stijging
tot 8 procent»?1
Vraag 2
Kan volgens u gegarandeerd worden dat er geen fouten zaten in de administratie of
doorrekeningen die mogelijk tot verkeerd berekende pensioenen hebben geleid op individueel
niveau, en kan ook gegarandeerd worden dat mogelijke fouten niet in de toekomst alsnog
zichtbaar zullen worden? Zo ja, waarom?
Vraag 3
Kunt u bevestigen dat de gepensioneerden van deze pensioenfondsen die per 1 januari
ingevaren zijn, in januari nog de oude uitkering hebben gekregen?2
Vraag 4
Kunt u ook bevestigen dat die gepensioneerden in februari een eerste nieuwe uitkering
hebben gekregen met bovendien een nabetaling over januari, ofwel dat de uitkering
uit januari ook nog met terugwerkende kracht is aangepast?
Vraag 5
Klopt het dat deze nieuwe uitkeringen in februari gebaseerd zijn op voorlopige cijfers,
en klopt het dat er bij deze voorlopige cijfers nog geen voorlopige verklaring door
accountants is afgegeven?
Vraag 6
Hoe wenselijk is het voor de zekerheid van gepensioneerden over de hoogte van hun
pensioenuitkering dat een externe accountant en actuaris nog vier tot vijf maanden
nodig hebben om het invaarproces te controleren?
Vraag 7
Kunt u bevestigen dat deze controles niet op individueel niveau plaatsvinden maar
op maatmensniveau?
Vraag 8
Hoe kunnen pensioenfondsen dan waarborgen dat het invaren op individueel niveau goed
is gegaan?
Vraag 9
Bent u van mening dat het noodzakelijk is dat er bij het invaren sprake moet zijn
van een transparant proces en een narekenbare verdeling van het individuele vermogen
van een deelnemer? Zo niet, waarom niet?
Vraag 10
Als een tijdige en juiste verwerking bij invaren uitgangspunt is, waarom corrigeren
dan alle ingevaren fondsen APG, BPL en PWRI de (ingegane) pensioenen mogelijk toch
nog met terugwerkende kracht tot ver in de loop van 2025?
Vraag 11
Waren deze effecten op de zekerheid van gepensioneerden over de hoogte van hun uitkering
voorzien? Zo ja, kunt u dan ingaan op de procesmatige overwegingen om het invaren
op deze manier vorm te geven?
Vraag 12
Kunt u bevestigen dat er in de transitiebrief die naar de deelnemers is gegaan niets
vermeld is over zowel de accountscontrole als over de onzekerheid die de controle
met zich meebrengt over de hoogte van de uitkeringen?
Vraag 13
Is het dan een juiste veronderstelling dat deelnemers hier onvoldoende over zijn geïnformeerd?
Zo niet, hoe zijn de deelnemers hier volgens u dan wél voldoende over geïnformeerd?
Vraag 14
Welke mogelijkheden voor bezwaar en compensatie hebben (gewezen) deelnemers en gepensioneerden
als achteraf blijkt dat de vooraf door de pensioenuitvoerder geschetste gevolgen van
invaren onjuist zijn geweest?
Indieners
-
Gericht aan
Y.J. van Hijum, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid -
Indiener
Agnes Joseph, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.