Schriftelijke vragen : Het Speciaal verslag ‘Bestrijding van schadelijke belastingregelingen en ontwijking van vennootschapsbelasting’ d.d. 29 november 2024 van de Europese Rekenkamer.
Vragen van het lid Van Eijk (VVD) aan de Staatssecretaris van Fianciën over het Speciaal verslag «Bestrijding van schadelijke belastingregelingen en ontwijking van vennootschapsbelasting» d.d. 29 november 2024 van de Europese Rekenkamer (ingezonden 4 december 2024).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het Speciaal verslag van de Europese Rekenkamer «Bestrijding
van schadelijke belastingregelingen en ontwijking van vennootschapsbelasting»?
Vraag 2
Wat was de onderzoeksopdracht van de Europese Rekenkamer?
Vraag 3
Wat is de periode waarop het rapport ziet? Zijn er nog belangrijke ontwikkelingen
geweest ten aanzien van (Nederlandse) wetgeving waar het onderzoeksrapport zich ook
op richt na de periode waarop het rapport ziet?
Vraag 4
Wat waren de belangrijkste conclusies van het rapport?
Vraag 5
Op welke punten dient Nederland in het algemeen en de Nederlandse Belastingdienst
in het bijzonder in het rapport als positief voorbeeld voor de Europese Commissie
en andere lidstaten?
Vraag 6
Signaleert de Europese Rekenkamer in het rapport verbeterpunten voor Nederland? Zo
ja, wat zijn deze verbeterpunten?
Vraag 7
Welke maatregelen uit de ATAD-richtlijn die ook meegenomen zijn door de Europese Rekenkamer
in dit rapport heeft Nederland strenger geïmplementeerd dan de minimumstandaard? Kan
per maatregel worden weergegeven waar Nederland deze strenger heeft geïmplementeerd
dan de minimumstandaard, inclusief opties die de richtlijn toestaat maar waarvan Nederland
geen gebruik heeft gemaakt?
Vraag 8
Deelt u de opvatting van de Europese Rekenkamer, die adviseert om richtsnoeren en
hulpmiddelen voor interpretatie te verstrekken als instrument om een consistente toepassing
van richtlijnen te waarborgen? Hoe voorkomt u dat nationale bevoegdheden verder worden
ingeperkt en complexe wet- en regelgeving leidt tot alsmaar toenemende regeldruk en
uitvoeringslasten?
Vraag 9
Kunt u de risico's die de Europese Rekenkamer in bijlage VII signaleert van verschillende
interpretaties door problemen in de opzet van de TDRD omschrijven en aangeven of deze
door de Belastingdienst worden herkend? Hoe gaat Nederland zich inzetten voor een
betere interpretatie en toepassing van Richtlijn (EU) 2017/1852 van de Raad van 10 oktober
2017 betreffende mechanismen ter beslechting van belastinggeschillen in de Europese
Unie? Op welke punten ervaart het MAP-team van de Belastingdienst deze problemen en
in relatie tot welke lidstaten?
Vraag 10
Hebben alle lidstaten mensen naar voren geschoven voor de in artikel 9 van Richtlijn
(EU) 2017/1852 van de Raad van 10 oktober 2017 betreffende mechanismen ter beslechting
van belastinggeschillen in de Europese Unie bedoelde lijst van vooraanstaande onafhankelijke
personen? Wie heeft Nederland naar voren geschoven voor deze lijst en op basis waarvan
zijn deze personen geselecteerd? Wordt deze Nederlandse lijst regelmatig herzien?
Zo nee, waarom niet? Zijn deze personen doorgaans inwoner of onderdaan van de lidstaat
door wie ze zijn voorgedragen en hoe zit dat in Nederland?
Vraag 11
Zijn er initiatieven om een commissie voor alternatieve geschilbeslechting zoals bedoeld
in artikel 10 van de Richtlijn (EU) 2017/1852 van de Raad van 10 oktober 2017 betreffende
mechanismen ter beslechting van belastinggeschillen in de Europese Unie op te zetten?
Zo nee, zou een dergelijke commissie voor alternatieve geschilbeslechting niet kunnen
zorgen voor efficiëntere, laagdrempeligere geschilbeslechting, bijvoorbeeld als het
gaat om mensen die over de grens werken of ondernemen (België en Duitsland) of in
het geval van specialistische onderwerpen die een multilaterale dimensie kunnen hebben,
zoals verrekenprijzen? Kan Nederland hier een voortrekkersrol in nemen binnen de Europese
Unie?
Indieners
-
Gericht aan
T. van Oostenbruggen, staatssecretaris van Financiën -
Indiener
Wendy van Eijk, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.