Brief regering : Kabinetsappreciatie uitbreidingspakket 2024
23 987 Lidmaatschap van de Europese Unie
22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Nr. 397 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 4 december 2024
Hierbij stuur ik u de appreciatie van het kabinet op het uitbreidingspakket dat de
Europese Commissie op 30 oktober 2024 presenteerde.
De Minister van Buitenlandse Zaken, C.C.J. Veldkamp
Samenvatting
Nederland staat zeer kritisch tegenover verdere uitbreiding van de EU. Conform het
Regeerprogramma (bijlage bij Kamerstuk 36 471, nr. 96) houdt het kabinet streng vast aan de eisen voor lidmaatschap van de EU, inclusief
de zogenoemde Kopenhagen-criteria. Hervormingen op het gebied van goed bestuur, transparantie
en de rechtsstaat zijn belangrijk en waar mogelijk ondersteunt Nederland daarbij.
Er worden geen concessies gedaan aan deze criteria.
Kandidaat-lidstaten doorlopen het toetredingsproces op eigen merites, op basis van
doorgevoerde hervormingen. Regeringen moeten prioriteit geven aan deze hervormingen,
waaronder op het gebied van de rechtsstaat, transparantie en openbaar bestuur. Ook
aansluiting bij het EU Gemeenschappelijk Buitenlands- en Veiligheidsbeleid, inclusief
het aansluiten bij de Europese sancties tegen Rusland, is belangrijk.
Nederland erkent het EU-perspectief van de kandidaat-lidstaten. Een reëel perspectief
is een drijfveer voor hervormingen en kan bijdragen aan vrede, veiligheid, stabiliteit
en welvaart in Europa. Nederland heeft ook oog voor de context, waaronder de Russische
oorlog tegen Oekraïne, en de noodzaak om intensieve betrekkingen te onderhouden met
deze belangrijke buurlanden en partners. Nederland profiteert van een sterke EU en
blijft een constructieve partner in de EU, ook om onze eigen doelen te bereiken.
De Commissie constateert dat met name Montenegro, Albanië, Moldavië en Oekraïne het
afgelopen jaar voortgang hebben geboekt met hervormingen gerelateerd aan de Fundamentals (democratie, rechtsstaat, mensenrechten, openbaar bestuur, migratie, functionerende
markteconomie). Het kabinet weegt dit mee bij voorstellen om stappen te zetten in
het toetredingsproces van deze landen. De Commissie presenteert enkele conclusies
over mogelijke stappen voor de hieronder genoemde kandidaat-lidstaten.
Commissie
Kabinetsreactie
Albanië: de Commissie steunt het openen van Cluster 6 voor het einde van 2024, mits de positieve
trend zich voortzet.
Gezien de gerapporteerde goede mate van voorbereiding voor de hoofdstukken van Cluster
6 en de ontwikkeling van de bredere rechtsstaatsituatie, kijkt het kabinet met een
kritisch-constructieve grondhouding naar het aanstaande voorstel van de Commissie
om Cluster 6 te openen en kan dit steunen, mits overeenstemming wordt bereikt in de
Raad over het vaststellen van gepaste closing benchmarks.
Montenegro: de Commissie zal voorstellen enkele hoofdstukken onder voorbehoud te sluiten in 2024,
gevolgd door andere hoofdstukken in 2025, mits aan de relevante benchmarks en voorwaarden is voldaan.
Het kabinet weegt de bredere (rechtsstaat) situatie zodanig dat het een kritisch-constructieve
grondhouding heeft ten aanzien van aanstaande voorstellen van de Commissie voor het
onder voorbehoud sluiten van individuele hoofdstukken en kan deze steunen, mits eveneens
aan de specifieke voorwaarden voor desbetreffende hoofdstukken is voldaan.
Servië: de Commissie stelt wederom vast dat Servië voldaan heeft aan de benchmarks voor het openen van Cluster 3.
Hoewel het kabinet de herhaalde conclusie van de Commissie deelt dat Servië heeft
voldaan aan de technische benchmarks voor het openen van Cluster 3, zou het openen van dit Cluster op dit moment geen
recht doen aan de belangrijke zorgen over de rechtsstaat en de voortgang op de dialoog
met Kosovo. Het kabinet verwacht verdere stappen hierop. Bovendien wordt verwacht
dat Servië nadrukkelijker aansluit bij het EU veiligheid- en buitenlandbeleid.
Oekraïne en Moldavië: de Commissie ziet uit naar het openen van clusters, te beginnen met de Fundamentals, zo snel mogelijk in 2025, mits aan de voorwaarden voldaan is.
Voor beide landen geldt dat wanneer de Commissie in 2025 het voorstel zal doen om
Cluster 1 te openen, het kabinet hier met een kritisch-constructieve grondhouding
naar zal kijken, mits Moldavië dan wel Oekraïne aan de voorwaarden voldoet en er overeenstemming
wordt bereikt in de Raad over het vaststellen van gepaste benchmarks.
Georgië: de Commissie bevestigt dat het toetredingsproces de facto tot stilstand is gekomen.
Het kabinet onderschrijft de conclusie van de Commissie dat het toetredingsproces
van Georgië de facto tot stilstand is gekomen door de negatieve acties van de Georgische autoriteiten.
Voor Kosovo, Bosnië en Herzegovina en Noord-Macedonië voorziet de Commissie op dit
moment geen volgende stap.
Kabinetsappreciatie uitbreidingspakket 2024
Op 30 oktober jl. presenteerde de Europese Commissie het jaarlijkse uitbreidingspakket,
bestaande uit een mededeling en rapportages over de tien landen met EU-perspectief:
Albanië, Bosnië en Herzegovina, Kosovo, Montenegro, Noord-Macedonië, Servië, Turkije,
Oekraïne, Moldavië en Georgië. Deze kabinetsappreciatie gaat in op de kernelementen;
de voortgang op de vereiste hervormingen voor EU-lidmaatschap, in het bijzonder de
Kopenhagen-criteria, en de conclusies van de Commissie. De appreciatie gaat met name
in op aandachtspunten binnen het Fundamentals-cluster. Deze brief vervangt een BNC-fiche.
In de mededeling stelt de Commissie dat het EU-uitbreidingsproces een belangrijke
drijfveer is voor vrede, veiligheid, stabiliteit en welvaart in Europa, en dat het
gemeenschappelijke waarden en economische groei bevordert. De Commissie spreekt wederom
van momentum voor de kandidaat-lidstaten om hun toekomst te verbinden aan de Unie.
Tegelijkertijd benadrukt de Commissie dat het uitbreidingsproces gebaseerd is op merites
en het doorvoeren van hervormingen, waarbij de Fundamentals – democratie, de rechtsstaat, mensenrechten, openbaar bestuur, migratiesamenwerking,
functionerende markteconomie – centraal staan. Tot slot benadrukt de Commissie dat
sinds de Russische agressieoorlog tegen Oekraïne het belang van aansluiting bij het
EU Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid (GBVB) is toegenomen.
Het kabinet staat, conform het Regeerprogramma, zeer kritisch tegenover verdere uitbreiding
van de EU en houdt streng vast aan de eisen voor EU-lidmaatschap, inclusief de zogenoemde
Kopenhagen-criteria. Hervormingen op het gebied van de rechtsstaat en het openbaar
bestuur, net als transparantie en corruptiebestrijding, zijn belangrijk. Er worden
geen concessies gedaan aan deze criteria. Het kabinet erkent het EU-perspectief van
kandidaat-lidstaten. Een reëel lidmaatschapsperspectief is voor kandidaat-lidstaten
een belangrijke drijfveer om te hervormen. Regeringen in de kandidaat-lidstaten moeten
prioriteit geven aan het uitvoeren en bestendigen van noodzakelijke hervormingen.
Deze hervormingen dragen ook bij aan stabiliteit en weerbaarheid in de nabuurregio
van de EU.
In de appreciatie gaat het kabinet in op migratiesamenwerking tussen kandidaat-lidstaten
en de EU, conform de motie van het lid Van Wijngaarden (Kamerstuk 21 501-02, nr. 2566). Migratie is eveneens onderdeel van de Fundamentals. In lijn met de Commissie is het kabinet van mening dat kandidaat-lidstaten verdere
stappen dienen te zetten met het tegengaan van irreguliere migratie, effectief grensbeheer
en verbeterde registratie, het verbeteren van asielsystemen en versterken van relevante
instellingen, aansluiting bij het EU-visumbeleid, het identificeren van (kwetsbare)
migranten en het effectueren van terugkeer. Het kabinet is positief over de geïntensiveerde
samenwerking van kandidaat-lidstaten met Frontex en de door Frontex geconstateerde
stevige afname van illegale grensoverschrijdingen via de Westelijke Balkanroute.
Deze appreciatie raakt ook aan de motie van de leden Paternotte en Veldkamp (Kamerstuk
21 501-20, nr. 1983) over bilaterale steun aan Oekraïne en Moldavië bij het voldoen aan de Kopenhagen-criteria
(zie ook Kamerstuk 21 501-02, nr. 2892). Het kabinetsbeleid voorziet, waar mogelijk, in steun aan hervormingen in kandidaat-lidstaten
op het gebied van goed bestuur, transparantie en de rechtsstaat. Ook wordt ingegaan
op de motie van het lid Van Campen c.s. (Kamerstuk 36 476, nr. 4) over samen met andere EU-lidstaten druk zetten op Georgië om de zogenoemde Law on Transparency of Foreign Influence (Foreign Agents Law) terug te draaien, aan de motie van het lid Piri c.s. (Kamerstuk 21 501-20, nr. 1809) over het verlenen van kandidaat-lidmaatschap aan Georgië zodra is voldaan aan de
gestelde criteria en de motie van de leden Tuinman en Van Campen (Kamerstuk 21 501-20, nr. 2055) over geen onderhandelingsgesprekken openen met Bosnië en Herzegovina indien het
land niet voldoet aan de in december 2023 opgestelde acht criteria.
Conform de motie van het lid Van Wijngaarden c.s. (Kamerstuk 21 501-02, nr. 2565) verwelkomt het kabinet de aandacht die de Commissie besteedt aan aansluiting bij
het GBVB en spreekt landen waar GBVB-aansluiting een punt van zorg is, waaronder Servië
en Georgië, hier op aan, mede in lijn met de motie van het lid Amhaouch (Kamerstuk
21 501-02, nr. 2567).
Het kabinet erkent de effecten van de Russische agressie, die nadrukkelijk merkbaar
zijn in de kandidaat-lidstaten, wat zich onder andere uit in desinformatie, inmenging
in verkiezingen en intraregionale spanningen. Deze geopolitieke context heeft de politisering
van het uitbreidingsproces versterkt. Dit heeft ook zijn weerslag op het krachtenveld
in de Raad, waar nagenoeg alle lidstaten naast het belang van de rechtsstaat en merites
ook de geopolitieke argumenten omarmen. Een deel van de lidstaten pleit expliciet
voor versnelling van het uitbreidingsproces. Tegelijkertijd worden toetredingsprocessen
met regelmaat vertraagd vanwege overwegend bilaterale geschillen, waarvan de oplossing
niet in het toetredingsproces gezocht zou moeten worden. Dit schaadt de geloofwaardigheid
van het op merites gebaseerde proces.
De Commissie onderstreept het belang van gedegen voorbereiding op uitbreiding door
de EU zelf. Daarbij noemt de Commissie mogelijke voordelen van uitbreiding zoals veiligheid
en vrede op het Europese continent, een sterkere internationale positie, en het vergemakkelijken
van handel en transport. De Commissie benadrukt dat het EU-engagement met kandidaat-lidstaten
versterkt is, onder andere via economische steun en geleidelijke integratie in onderdelen
van de interne markt. De Commissie verwijst naar initiatieven als de Oekraïne Faciliteit,
het Groeiplan voor de Westelijke Balkan, en het voorgestelde Groeiplan voor Moldavië
(Kamerstuk 22 112, nr. 3978), waarmee ook hervormingen die relevant zijn in het toetredingsproces worden gestimuleerd
en ondersteund. De Commissie benadrukt dat geleidelijke integratie gepaard dient te
gaan met overname van relevante onderdelen van het EU-acquis en versterking van administratieve
capaciteit.
Het kabinet acht engagement met (potentiële) kandidaat-lidstaten, zowel bilateraal
als in EU-verband, van bijzonder belang. Het kabinet onderschrijft de constatering
van de Commissie dat het wenselijk is dat kandidaat-lidstaten hervormingen versnellen,
mede om duurzame sociaaleconomische ontwikkeling mogelijk te maken en voortgang te
boeken richting het voldoen aan de economische criteria voor EU-lidmaatschap. Het
kabinet constateert dat er nog veel moet gebeuren op dit vlak, zodat de werking van
de markteconomieën wordt gewaarborgd en het vermogen om het hoofd te bieden aan de
concurrentiedruk en marktkrachten binnen de EU wordt getoond.
In algemene zin dient nauwere samenwerking en integratie in het kader van het EU-uitbreidingsproces
gepaard te gaan met aandacht en waarborgen op uiteenlopende beleidsterreinen. De integriteit
van de EU interne markt dient te worden geborgd, onder meer door adequate naleving,
toezicht en handhaving. Ook is het van belang dat EU-middelen goed worden beheerd.
Gedegen fraudebestrijding en samenwerking met betrokken EU-instanties zijn hierbij
essentieel. Zowel kandidaat-lidstaten als de EU dienen maatregelen te nemen om risico’s
op aantasting van de EU interne veiligheid te mitigeren en te voorkomen dat misbruik
kan worden gemaakt van toegang tot de interne markt door kwaadwillende actoren. Bij
verdere integratie is ook kennisveiligheid en de integriteit van gegevens- en informatie-uitwisseling,
inclusief cybersecurity, cruciaal. In algemene zin zijn op onder andere de bestrijding
van georganiseerde misdaad, cybersecurity wetgeving, en wetgeving voor terrorismebestrijding
belangrijke stappen gezet, alhoewel additionele stappen noodzakelijk zijn, met name
in de uitvoering. Het kabinet onderstreept tevens het belang van volledige implementatie
van het EU-acquis op het gebied van klimaat- en energiebeleid onder andere ten behoeve
van integratie op de Europese energiemarkt, en acht het van belang dat kandidaat-lidstaten
bijdragen aan de Europese klimaat- en energiedoelen.
Het kabinet onderschrijft het essentiële belang van een gedegen voorbereiding op uitbreiding.
Er zal in kaart moeten worden gebracht welke gevolgen uitbreiding kan hebben voor
beleidsterreinen waaronder buitenlandbeleid, migratie, de interne markt en interne
veiligheid, en welke hervormingskeuzes de Unie eventueel dient te maken om nieuwe
lidstaten op geslaagde wijze te absorberen. Mede in het licht van demografische ontwikkelingen
in Europa acht het kabinet het van belang dat gekeken wordt naar de effecten van EU-uitbreiding
op arbeidsmigratie. Daarnaast zal moeten worden bezien welke financiële gevolgen zijn
verbonden aan uitbreiding, en hoe de Unie ook met nieuwe lidstaten financieel houdbaar
kan blijven (zie ook Kamerstuk 21 501-02, nr. 2887).
De Commissie geeft aan dat verschillende kandidaat-lidstaten de ambitie hebben om
de komende jaren hun toetredingsproces af te ronden. Het kabinet neemt hier kennis
van en benadrukt dat alle kandidaat-lidstaten hun toetredingsproces in lijn met de
methodologie zullen moeten doorlopen en aan alle vereisten zullen moeten voldoen.
Het kabinet legt zich niet vast op specifieke tijdslijnen; de hervormingen in de kandidaat-lidstaten
zelf blijven leidend voor verdere stappen in het proces. De nadruk op hervormingen
is tevens van belang voor het draagvlak voor uitbreiding, zowel binnen de EU als in
de kandidaat-lidstaten. In deze appreciatie gaat het kabinet in op de belangrijkste
uitdagingen in het toetredingsproces van de individuele (potentiële) kandidaat-lidstaten,
en de conclusies van de Commissie over eventuele volgende stappen. De Nederlandse
inzet voor de Raadsconclusies over EU-uitbreiding die zullen worden aangenomen tijdens
de Raad Algemene Zaken in december a.s. is gebaseerd op deze appreciatie.
Gezien de fase in het onderhandelingsproces waarin verschillende kandidaat-lidstaten
zich bevinden, de conclusies van de Commissie, maar ook het krachtenveld in Brussel
dat sinds de Russische agressieoorlog tegen Oekraïne EU-uitbreiding nadrukkelijk door
een (geo)politieker lens ziet, zal de druk om de komende tijd stappen te zetten, met
zowel Westelijke Balkan landen als met Oekraïne en Moldavië, naar verwachting groter
worden. In deze context is Nederland duidelijk één van de meest kritische lidstaten,
zo niet de meest kritische, door te staan op strikte toepassing van alle criteria,
ook waar het tussenstappen in het proces betreft. Het risico dat Nederland hierin
vaker alleen komt te staan is aanwezig. Tijdens de onderhandelingen in aanloop naar
de Raad Algemene Zaken en de Europese Raad zal het kabinet de uiteengezette uitgangspunten
hanteren, het krachtenveld wegen en optrekken met gelijkgezinde lidstaten. In algemene
zin geldt dat Nederland profiteert van een sterke EU en een constructieve partner
in de EU blijft, ook om onze eigen doelen te bereiken, conform het Regeerprogramma.
Het kabinet zal er op blijven aandringen dat besluitvorming op het gebied van EU toetreding
gebaseerd blijft op merites en dat de reguliere procedures worden toegepast. Er bestaan
in het EU-toetredingsproces wat betreft het kabinet geen short-cuts; alle kandidaat-lidstaten
moeten voldoen aan de geldende eisen voor lidmaatschap. Het kabinet zal uw Kamer op
de gebruikelijke wijze informeren over stappen in het EU-uitbreidingsproces.
Stand van zaken toetredingsproces per kandidaat-lidstaat
Aanvraag lidmaatschap
ER besluit kandidaat-lidstatus
ER besluit openen onderhandelingen
Stand van zaken
Albanië
2009
2014
2020
Cluster 1 (5 hoofdstukken) geopend in 2024
Bosnië en Herzegovina
2016
2022
2024
Onderhandelingsraamwerk nog niet aangenomen
Kosovo
2022
–
n.v.t.
n.v.t.
Montenegro
2008
2010
2012
Alle 33 hoofdstukken geopend, 3 hoofdstukken onder voorbehoud gesloten
Noord-Macedonië
2004
2005
2020
Cluster 1 nog niet geopend
Servië
2009
2012
2013
22 hoofdstukken geopend,
2 hoofdstukken onder voorbehoud gesloten
Turkije
1987
1999
2004
Toetredingsproces feitelijk stilgelegd in 2018
Georgië
2022
2023
–
Toetredingsproces feitelijk stilgelegd in 2024
Moldavië
2022
2022
2023
Cluster 1 nog niet geopend
Oekraïne
2022
2022
2023
Cluster 1 nog niet geopend
Landenrapportages
Albanië
De Commissie meldt dat het screeningsproces voor alle zes clusters in november 2023
is afgerond. Nadat de Commissie in december 2023 concludeerde dat Albanië heeft voldaan
aan de voorwaarden voor het openen van Cluster 1 door het opstellen van uitgebreide
agenda’s (roadmaps) voor verdere hervormingen binnen de rechtsstaat en het openbaar bestuur, werd in
oktober 2024 Cluster 1 geopend.
De Commissie prijst de toewijding van Albanië aan het toetredingsproces, en stelt
dat enige voortgang is gemaakt met justitiële hervormingen en de bestrijding van corruptie
en georganiseerde misdaad. De Commissie spreekt van significante verbeteringen in
het functioneren van de rechtspraak. Wel stelt de Commissie dat het afgelopen jaar
geen voortgang gemaakt is op vrijheid van meningsuiting.
De Commissie roept Albanië op de rechtsstaathervormingen verder te versnellen, en
legt onder andere nadruk op het implementeren van uitstaande ODIHR (OVSE/Office for Democratic Institutions and Human Rights) en Venetië Commissie aanbevelingen aangaande kieswetgeving, het waarborgen van de
veiligheid van journalisten, het bestendigen van de justitiële hervormingen, het versterken
van de strijd tegen corruptie inclusief het versterken van transparantie en het voldoen
aan GRECO (Groep van Staten tegen Corruptie) aanbevelingen.
Op het gebied van migratie is de Commissie over het algemeen tevreden, maar stelt
dat asielmanagement in de praktijk moet verbeteren. De Commissie roept Albanië op
het eigen visumbeleid verder in lijn te brengen met het EU-visumbeleid. Albanië bleef
volledig aangesloten bij het GBVB en liet ook het afgelopen jaar duidelijk zien een
strategische keuze te hebben gemaakt voor EU-toetreding.
Kabinetsappreciatie
Het kabinet deelt de bevinding van de Commissie dat Albanië op verschillende vlakken
binnen het Fundamentals-cluster enige voortgang heeft geboekt. Tevens is Albanië de afgelopen jaren volledig
aangesloten bij het GBVB, inclusief de EU-sancties tegen Rusland. Tegelijkertijd maakt
het rapport duidelijk dat verdere hervormingen en implementatie daarvan noodzakelijk
zijn. Daarmee schetst het rapport over de hele linie een realistisch beeld. Met het
openen van Cluster 1 is een nieuwe fase van het toetredingsproces aangebroken waar
toewijding, implementatie en tastbare resultaten de boventoon zullen moeten voeren.
Het kabinet deelt de oproep van de Commissie om verdere opvolging te geven aan uitstaande
ODIHR en Venetië Commissie aanbevelingen om het kiesstelsel te verbeteren. Politieke
polarisatie blijft een punt van zorg. De doorlopende, ingrijpende, doorlichting van
het justitieel systeem is positief en dient verder bestendigd te worden, onder andere
om de weerbaarheid te versterken tegen politieke inmenging. Het kabinet benadrukt
in deze context de noodzaak om bindende uitspraken, ook van het Constitutioneel Hof,
te implementeren. De Commissie concludeert terecht dat dit gepaard dient te gaan met
versterking van de aansprakelijkheid binnen het justitieel systeem zelf.
Terecht is de Commissie positief over de inspanningen van de speciale anti-corruptie
instellingen (SPAK). Deze hebben onder meer geleid tot complexe corruptiezaken, waaronder
zaken rond misstanden bij de besteding van EU-fondsen. Tegelijkertijd deelt het kabinet
de appreciatie dat corruptie een serieus probleem blijft in Albanië en verdere stappen
nodig zijn, ook voor de bescherming van financiële belangen van de EU. In dat kader
vindt het kabinet het essentieel dat ook de meldingen van onregelmatigheden en fraude
met Instrument for Pre-accession Assistance for Rural Development Programmes (IPARD) bestedingen verdere juridische opvolging krijgen. Ook zijn de aangenomen
Amnestie Wet en de negatieve effecten daarvan op de corruptiebestrijding, zorgelijk.
Het kabinet deelt de bevindingen en aanbevelingen van de Commissie over vrijheid van
meningsuiting. De onafhankelijkheid van media en pluralisme in het medialandschap
blijven een punt van zorg. Ook zijn er zorgen over de verwerking van persoonsgegevens.
Albanië dient onder andere aandacht te besteden aan transparantie rondom de financieringsstromen
om verstrengeling van financiële en politieke belangen tegen te gaan.
Met betrekking tot migratie schetst het rapport een helder beeld van degelijke wetgeving
en benadrukt tegelijkertijd de noodzaak om implementatie, en asiel- en migratiemanagement
in de praktijk verder te verbeteren. Het kabinet acht het van belang dat Albanië verdere
stappen zet om het eigen visumbeleid verder te harmoniseren met het EU-visumbeleid.
Het kabinet verwelkomt de inwerkingtreding van een nieuwe statusovereenkomst met Frontex.
Gezien de gerapporteerde goede mate van voorbereiding voor de hoofdstukken van Cluster
6 en de ontwikkeling van de bredere rechtsstaatsituatie, kijkt het kabinet met een
kritisch-constructieve grondhouding naar het aanstaande voorstel van de Commissie
om Cluster 6 te openen en kan dit steunen, mits overeenstemming wordt bereikt in de
Raad over het vaststellen van gepaste closing benchmarks. Deze stap kan naar verwachting op brede steun in de Raad rekenen.
Bosnië en Herzegovina
De Opinie van de Commissie van 2019 stelt dat Bosnië en Herzegovina aan 14 prioriteiten
moet voldoen om toetredingsonderhandelingen te openen. Als een tussenstap ontving
het land in 2022 de status van kandidaat-lid, met dien verstande dat het acht stappen,
gekoppeld aan de 14 prioriteiten, zou zetten. In maart 2024 besloot de Europese Raad
om de onderhandelingen te openen en het onderhandelingsraamwerk aan te nemen zodra
alle relevante stappen uit deze Opinie zijn genomen.
De Commissie wijst op de stappen die Bosnië en Herzegovina tussen november 2023 en
maart 2024 heeft genomen (zie ook Kamerstuk 21 501-20, nr. 2041). De Commissie benoemt dat de hervormingsdynamiek tussen april en oktober 2024 is
stilgevallen, onder andere door de lokale verkiezingen. De Commissie constateert ook
dat Bosnië en Herzegovina op veel onderdelen geen voortgang heeft geboekt. De Commissie
roept Bosnië en Herzegovina op om zijn Hervormingsagenda onder het Groeiplan af te
ronden. De Commissie onderstreept dat afscheidingsacties die de eenheid, soevereiniteit,
territoriale integriteit en constitutionele orde van Bosnië en Herzegovina ondermijnen
de voortgang op het EU-pad belemmeren. De Commissie verwijst onder andere naar de
kieswet in de Republika Srpska, die ongrondwettig is verklaard door het Constitutioneel
Hof. De Commissie benoemt dat politieke leiders de genocide bleven ontkennen en oorlogsmisdadigers
verheerlijkten.
Bosnië en Herzegovina heeft volledige GBVB-aansluiting bereikt en behouden. De implementatie
van EU-sancties tegen Rusland blijft een aandachtspunt. Bosnië en Herzegovina heeft
tevens het migratiemanagement verbeterd, onder andere door verdere harmonisatie van
het visumbeleid met de EU. Overnameovereenkomsten worden over het algemeen naar tevredenheid
geïmplementeerd. Desalniettemin blijven verbeteringen nodig, bijvoorbeeld op verdere
harmonisatie met het EU-visumbeleid, terugkeer en de kwaliteit en toegang van asielprocedures.
Ook concludeert de Commissie dat enige voortgang is geboekt tegen georganiseerde misdaad,
vanwege bijvoorbeeld de anti-witwaswet en handhavingsoperaties met hulp van EUROPOL.
De Commissie beschrijft dat enige voortgang is geboekt op corruptiebestrijding, vanwege
de wet tegen belangenverstrengeling.
Op fundamentele rechten constateert de Commissie dat het wettelijk kader grotendeels
aanwezig is, maar verbeterd moet worden. Bosnië en Herzegovina moet met hoge prioriteit
constitutionele en electorale hervormingen doorvoeren, waaronder Sejdic-Finci jurisprudentie,
zodat alle inwoners effectief hun politieke rechten kunnen uitoefenen. Het maatschappelijk
middenveld staat onder druk, met name in de Republika Srpska. De Commissie waarschuwt
dat herintroductie van een conceptwet waarmee internationaal gefinancierde maatschappelijke
organisaties als buitenlandse agent kunnen worden aangeduid, een stap achteruit zou
betekenen.
De Commissie stelt dat Bosnië en Herzegovina ten aanzien van de rechterlijke macht
beperkte voortgang heeft geboekt en dat de kwaliteit, transparantie en efficiëntie
van de rechtspraak moeten worden verbeterd. De nieuwe conceptwet voor de High Judicial and Prosecutorial Council moet in lijn worden gebracht met de opinie van de Venetië Commissie en aangenomen.
De Republika Srpska moet beslissingen van het Constitutioneel Hof respecteren. De
Commissie vindt dat er geen voortgang is geboekt op vrijheid van meningsuiting, mediavrijheid
en de bescherming van journalisten. Er is sprake van politieke beïnvloeding en intimidatie
van journalisten. Het strafbaar stellen van laster in de Republika Srpska beknot de
vrijheid van meningsuiting en de mediavrijheid ernstig.
De Commissie beschrijft de voortgang op de acht stappen uit het rapport van 2022,
zonder te oordelen of aan deze stappen is voldaan. De Commissie roept Bosnië en Herzegovina
op het Nationaal Programma voor EU-acquis overname aan te nemen, de nieuwe wet voor
de High Judicial and Prosecutorial Council en de Wet over het Staatshof in lijn te brengen met de aanbevelingen van de Venetië
Commissie, de wet op belangenverstrengeling te implementeren en samenwerking tussen
wetshandhavers te versterken.
Kabinetsappreciatie
Het kabinet herkent het beeld uit het rapport dat de hervormingsdynamiek na maart
2024 stagneerde. Het kabinet vindt het zorgelijk dat op veel hoofdstukken geen voortgang
is geboekt, zoals de Commissie constateert. Het kabinet maakt zich grote zorgen over
de afscheidingsretoriek van president Dodik van de Republika Srpska en aanhoudende
schendingen van de rechtsorde en de constitutionele orde, die de Commissie ook beschrijft.
Haatzaaien, genocideontkenning en het verheerlijken van oorlogsmisdadigers is onacceptabel
en staan verzoening in de weg. Het kabinet vindt het positief dat Bosnië en Herzegovina
volledige aansluiting bij het EU-GBVB heeft bereikt en behouden, maar maakt zich zorgen
over de banden van president Dodik en zijn entourage met Rusland. Ook de implementatie
van EU-sancties tegen Rusland blijft een aandachtspunt, zoals de Commissie stelt.
Het kabinet onderschrijft het belang dat Bosnië en Herzegovina een Hervormingsagenda
indient onder het Groeiplan voor de Westelijke Balkan.
Op fundamentele rechten deelt het kabinet de zorgelijke beschrijving van de Commissie
over het sterk inperken van de ruimte voor het maatschappelijk middenveld en vrijheid
van meningsuiting, met name in de Republika Srpska. Het kabinet onderschrijft dat
herintroductie van de Foreign Agents Law een significante stap terug zou betekenen.
Het kabinet is het eens met de Commissie dat Bosnië en Herzegovina met hoge prioriteit
constitutionele en electorale hervormingen moet doorvoeren, in lijn met Sejdic-Finci
jurisprudentie en daarop volgende uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten
van de Mens (EHRM), om de Grondwet en de kieswet in lijn te brengen met het Europees
Verdrag voor de Rechten van de Mens. De rechten van minderheden en vrouwen blijven
een aandachtspunt.
Ten aanzien van de rechterlijke macht vindt het kabinet het zorgelijk dat uitspraken
van de hoogste rechterlijke instanties, zoals het Constitutioneel Hof, niet worden
geïmplementeerd door de Republika Srpska. Weliswaar is er wetgeving aangenomen om
de integriteit binnen de rechtspraak te verbeteren, maar het kabinet vindt dat Bosnië
en Herzegovina een nieuwe wet over de High Judicial and Prosecutorial Council moet aannemen, die volledig in lijn is met de aanbevelingen van de Venetië Commissie.
De Wet over het Staatshof moet ook in lijn gebracht worden met aanbevelingen van de
Venetië Commissie, en worden aangenomen.
Het kabinet vindt de voortgang op de bestrijding van corruptie beperkt, ondanks de
nieuwe wet tegen belangenverstrengeling. Deze wet moet nog in lijn moet worden gebracht
met EU-standaarden, zoals de Commissie ook erkent. De Commissie concludeert terecht
dat het track record op corruptieonderzoeken en veroordelingen laag blijft. Het kabinet herkent dat met
de anti-witwaswet enige voortgang is geboekt bij misdaadbestrijding, maar vindt de
uitvoering van maatregelen tegen georganiseerde misdaad ondermaats. Wetgeving inzake
gegevensbescherming moet worden aangenomen.
Het kabinet onderschrijft de benoemde ontwikkeling op migratie. Wetgeving is grotendeels
in lijn met het EU-acquis, maar moet wat het kabinet betreft door het hele land geharmoniseerd
worden. Bosnië en Herzegovina moet met name stappen zetten op terugkeer en de kwaliteit
van en de toegang tot de asielprocedure. Het kabinet roept Bosnië en Herzegovina op
om voortgang te maken op grensbeheer door de overeenkomst met Frontex te tekenen en
implementeren. Het kabinet deelt de mening dat Bosnië en Herzegovina het visumbeleid
verder aan dient te scherpen.
Mogelijk zal een aantal EU-lidstaten pleiten om het onderhandelingsraamwerk vast te
stellen. Het kabinet vindt dat het onderhandelingsraamwerk pas aangenomen kan worden
als aan alle stappen uit het rapport van 2022 is voldaan. Het kabinet ziet dat het
perspectief op het mogelijk aannemen van het onderhandelingsraamwerk behulpzaam kan
zijn bij het houden van druk op hervormingen. Voor het verdere toetredingsproces blijven
wat het kabinet betreft ook de 14 prioriteiten uit de Opinie van 2019 leidend.1 Het kabinet merkt op dat de Commissie in het landenrapport niet langer expliciet
naar de grondwetswijzigingen verwijst als onderdeel van de 14 hervormingsprioriteiten.
Kosovo
De Commissie stelt dat de Kosovaarse autoriteiten toegewijd bleven aan het EU-pad
van Kosovo. Kosovo vroeg in 2022 het EU-lidmaatschap aan. De Commissie geeft aan beschikbaar
te zijn om op verzoek van de Raad een Opinie over Kosovo’s lidmaatschapsaanvraag voor
te bereiden.
De Commissie wijst erop dat Kosovaren sinds 1 januari jl. visumvrij naar de EU kunnen
reizen en dat Kosovo zich het afgelopen jaar unilateraal heeft aangesloten bij het
EU-GBVB. De Commissie benoemt ook dat de situatie in het noorden gespannen bleef na
de aanval in Banjska van september 2023. Ook leidde onder andere het sluiten van Servische
parallelle structuren en het afschaffen van de dinar als betaalmiddel in Noord-Kosovo
tot spanningen. De Commissie geeft aan dat EU-maatregelen tegen Kosovo van kracht
bleven en dat de Hoge Vertegenwoordiger heeft aanbevolen om deze maatregelen op te
heffen.
De door de EU gefaciliteerde Belgrado-Pristina Dialoog bleef gaande. De Commissie
roept Servië en Kosovo op om zich serieus en constructief te committeren aan het normalisatieproces
en om de in Brussel en Ohrid gemaakte afspraken en de eerdere verplichtingen in het
kader van de EU-gefaciliteerde Dialoog volledig te implementeren. Ook wordt Kosovo
gevraagd een begin te maken met het proces dat leidt tot de oprichting van de Association of Serbian Majority Municipalities. De Commissie onderstreept dat constructief engagement van Servië en Kosovo bij het
normaliseren van hun relatie voor beiden een voorwaarde is om aanspraak te maken op
Groeiplan-fondsen.
De Commissie concludeert dat Kosovo beperkte voortgang heeft geboekt met de rechterlijke
macht en fundamentele rechten en enige voortgang op justitie, vrijheid en veiligheid.
Zo zijn er meer veroordelingen in corruptiezaken en is de achterstand in rechtszaken
verminderd. De Commissie is kritisch over de manier waarop enkele hervormingen van
het rechtssysteem zijn doorgevoerd. Tevens blijven er volgens de Commissie uitdagingen
bij het functioneren van de rechtelijke macht en de strijd tegen corruptie en georganiseerde
misdaad. Fundamentele rechten zijn geborgd in de wet, maar implementatie blijft achter,
bijvoorbeeld ten aanzien van minderheden en op het gebied van gendergelijkheid. Op
vrijheid van meningsuiting en media is beperkt voortgang geboekt. De Commissie beschrijft
pogingen van de regering om controle over de media uit te oefenen. Wel stelt de Commissie
dat het maatschappelijk middenveld in een grotendeels gunstig klimaat functioneert
en actief en divers is. Op het gebied van migratie is de Commissie van mening dat
het asiel- en migratiemanagement bevredigend is. Wetgeving voor asiel en grensbeheer
is grotendeels in lijn is met het EU-acquis. Wel moet Kosovo volgens de Commissie
het visumbeleid verder in lijn brengen met dat van de EU.
Kabinetsappreciatie
Het kabinet herkent het realistische beeld dat de Commissie schetst. Ten aanzien van
hervormingen is er sprake van een positieve trend. Het tempo moet echter omhoog en
de hervormingen moeten beklijven. Het kabinet verwelkomt de voortdurende 100% aansluiting
bij het GBVB. Deze positieve trend wordt overschaduwd door gebrekkige voortgang op
het normaliseren van de betrekkingen met Servië. Er is op dit moment geen overeenstemming
in de Raad om het lidmaatschapsverzoek door te geleiden naar de Commissie voor een
Opinie, omdat vijf lidstaten Kosovo niet erkennen.
Over de opgelopen spanningen tussen Servië en Kosovo deelt het kabinet de boodschap
van de Commissie dat Kosovo zich – net als Servië – moet committeren aan de door de
EU gefaciliteerde Dialoog voor normalisering van de relaties en alle gemaakte afspraken
volledig moet implementeren. Het kabinet steunt de oproep aan beide partijen om zich
te weerhouden van unilaterale acties die tot verdere spanningen kunnen leiden. Het
kabinet onderschrijft het belang van het maken van een begin met het proces dat leidt
tot de oprichting van de Vereniging van Servische Meerderheidsgemeenten. Het kabinet
blijft een evenwichtige aanpak aangaande EU-maatregelen belangrijk vinden. Conform
de gewijzigde motie van het lid Sjoerdsma (Kamerstuk 21 501-02, nr. 2768) blijft het kabinet pleiten voor afbouw van maatregelen richting Kosovo, nu de Hoge
Vertegenwoordiger heeft geconcludeerd dat Kosovo aan de gestelde voorwaarden voldaan
heeft.
Hoewel het hogere aantal veroordelingen in corruptiezaken positief is, moet Kosovo
blijven werken aan het terugdringen van corruptie, onder andere via het verbeteren
van de kwaliteit en onafhankelijkheid van de rechtspraak. Het kabinet deelt de analyse
van de Commissie dat Kosovo meer politieke wil moet tonen om de rechtspraak te hervormen
in lijn met Europese standaarden. Het wettelijk kader voor het vervolgen van oorlogsmisdaden
is aanwezig, maar de beperkte capaciteit van het OM blijft een uitdaging. Op het gebied
van georganiseerde misdaad herkent het kabinet dat enige voortgang is geboekt; zo
is de samenwerking met Europol verbeterd. Er is echter ruimte voor verbetering, zo
ontbreekt een strategie en actieplan voor corruptiebestrijding. Het kabinet blijft
de onafhankelijkheid en veiligheid van journalisten een punt van aandacht vinden,
in lijn met de analyse van de Commissie. Het kabinet deelt de bevinding van de Commissie
dat wat fundamentele rechten betreft, Kosovo moet blijven werken aan de versterking
van de positie van minderheden, waaronder de LHBTIQ+ gemeenschap. Het kabinet is positief
dat migratiewetgeving grotendeels in lijn is met EU-standaarden. Het kabinet is het
met de Commissie eens dat Kosovo het visumbeleid verder in lijn moet brengen met dat
van de EU.
Montenegro
Sinds het begin van de toetredingsonderhandelingen in 2012, zijn alle hoofdstukken
geopend, waarbij de onderhandelingen op drie hoofdstukken reeds onder voorbehoud afgerond
zijn. Van alle kandidaat-lidstaten wordt de voortgang, en mate van voorbereiding voor
lidmaatschap, van Montenegro dit jaar door de Commissie het beste beoordeeld. Bij
enkele hoofdstukken spreekt de Commissie zelfs van zeer goede voortgang en vergevorderde mate van voorbereiding.
Montenegro zit nu in een fase waarin het onder voorbehoud sluiten van verdere hoofdstukken
kan worden bezien. Dit is afhankelijk van verdere hervormingsresultaten en het track record van daadwerkelijke implementatie. De Commissie steunt de ambitie van Montenegro om
enkele hoofdstukken in 2024 onder voorbehoud te sluiten, indien Montenegro verdere
stappen blijft zetten op basis van breed politiek consensus.
Volgens de Commissie is de toewijding van Montenegro aan het toetredingsproces consistent,
al zijn de instellingen fragiel. De Commissie is zeer tevreden over het afgelopen
jaar, en spreekt van goede voortgang op het gebied van de rechtspraak, corruptiebestrijding,
vrijheid van meningsuiting en mediavrijheid, de strijd tegen georganiseerde misdaad
en op het gebied van asiel en migratie.
Tegelijkertijd roept de Commissie Montenegro op de hervormingen voort te zetten. Zo
dienen uitstaande ODIHR-aanbevelingen te worden doorgevoerd en moet wetgeving op het
gebied van financiering van politieke partijen aangepast worden. Montenegro moet werken
aan het versterken van het openbaar bestuur, het bestendigen van doorgevoerde justitiële
hervormingen en het verder opbouwen van een track record in de strijd tegen corruptie en georganiseerde misdaad. Op het gebied van asiel en
migratie is de Commissie over het algemeen tevreden. Montenegro implementeert de terugkeerovereenkomst
met de EU naar tevredenheid. Het visumbeleid van Montenegro is nog niet in lijn met
het EU-visumbeleid. Montenegro bleef het afgelopen jaar volledig aangesloten bij het
GBVB.
Kabinetsappreciatie
Volgens de Commissie heeft Montenegro in vergelijking met andere kandidaat-lidstaten
de meeste vorderingen gemaakt ten opzichte van 2023, en is Montenegro van alle kandidaat-lidstaten
het meest voorbereid om de verplichtingen van EU-lidmaatschap aan te gaan. Het kabinet
verwelkomt de positieve trend, waaronder de voortdurende volledige aansluiting van
Montenegro bij het GBVB. Evenwel stelt de Commissie terecht dat overheidsinstellingen
verder versterkt moeten worden. Het kabinet acht het van belang dat Montenegro, op
basis van breed politiek consensus, de eigen capaciteit en weerbaarheid blijft versterken
en zich blijft richten op de implementatie van EU-gerelateerde hervormingen.
Op het gebied van de rechtsstaat heeft Montenegro goede voortgang geboekt. Zo zijn
verschillende langverwachte wetten door de Venetië Commissie getoetst en vervolgens
door Montenegro aangenomen, waaronder op het gebied van media, rechtspraak, onteigening
van criminele tegoeden en corruptiepreventie. Ook op corruptiebestrijding zijn stappen
gezet, mede als gevolg van doortastend optreden van de speciale aanklager voor georganiseerde
misdaad en corruptie. Het kabinet verwelkomt de stappen op cyberveiligheid en moedigt
Montenegro aan dit, net als de versterking van de rechtsstaat, voort te zetten.
In lijn met de aanbevelingen van de Commissie blijft ook naar de mening van het kabinet
verdere bestendiging van hervormingen nodig. Het openbaar bestuur dient te worden
versterkt, waarbij werving en selectie op merites, competenties en transparantie gebaseerd
dient te zijn. Ook dienen verdere stappen te worden gezet om het functioneren van
en het vertrouwen in de rechtspraak te verbeteren. Overgebleven aanbevelingen van
de Venetië Commissie en GRECO verdienen opvolging, gegevensbescherming moet worden
verbeterd, het track record in corruptiebestrijding dient te worden bestendigd, en de wetgeving aangaande financiering
van politieke partijen en verkiezingscampagnes dient met spoed aangepast te worden
in lijn met Europese standaarden. De strikte benchmarks die afgelopen juni door de EU met Montenegro gedeeld zijn, onder andere op onafhankelijke
rechtspraak, bestrijding van corruptie en georganiseerde misdaad, mensenrechten, migratie,
berechting van oorlogsmisdaden, en constitutionele en electorale hervormingen, geven
richting aan de stappen die Montenegro nog dient te zetten.
Op asiel en migratie deelt het kabinet over het algemeen de tevredenheid van de Commissie,
maar roept Montenegro op relevante procedures verder te verbeteren, capaciteiten te
versterken en voldoende mensen en middelen beschikbaar te stellen. Het kabinet acht
het van belang dat Montenegro stappen zet om het visumbeleid verder te harmoniseren
met de EU. Het is prijzenswaardig dat Montenegro in vergelijking met andere Westelijke
Balkan landen het hoogste aantal gevluchte burgers uit Oekraïne opvangt, zowel in
absolute als in relatieve zin.
Het kabinet weegt de bredere (rechtsstaat) situatie zodanig dat het een kritisch-constructieve
grondhouding heeft ten aanzien van aanstaande voorstellen van de Commissie voor het
onder voorbehoud sluiten van individuele hoofdstukken en kan deze steunen, mits eveneens
aan de specifieke voorwaarden voor desbetreffende hoofdstukken is voldaan. Deze stap
kan naar verwachting op brede steun in de Raad rekenen.
Noord-Macedonië
De Commissie meldt dat het screeningproces voor alle zes clusters in december 2023
is afgerond, en roept Noord-Macedonië op door te gaan met EU-gerelateerde hervormingen.
De Commissie herinnert er aan dat Noord-Macedonië nog steeds niet de nodige grondwetswijzigingen
heeft doorgevoerd, die tot doel hebben de bescherming van minderheden uit te breiden,
en roept Noord-Macedonië op om snel opvolging te geven aan het screening rapport van
Cluster 1.
De Commissie spreekt van politieke polarisatie in het parlement en roept Noord-Macedonië
op snel opvolging te geven aan uitstaande aanbevelingen van ODIHR en de Venetië Commissie
aangaande kieswetgeving. Noord-Macedonië heeft volgens de Commissie slechts beperkte
voortgang gemaakt met justitiële hervormingen. De Commissie stelt enige voortgang
vast in de bestrijding van georganiseerde misdaad. Voortgang op corruptiebestrijding
bleef uit. De Commissie stelt dat aanpassingen van het wetboek van strafrecht het
wettelijk kader hebben verzwakt, en roept Noord-Macedonië op om wetgeving in lijn
te brengen met het EU-acquis en internationale standaarden, en implementatie te verbeteren.
Met betrekking tot asiel en migratie stelt de Commissie dat Noord-Macedonië een transitland
blijft voor irreguliere migranten, en dat asiel en migratiemanagement, met name wat
betreft capaciteit, verbeterd moet worden. Noord-Macedonië is nagenoeg volledig aangesloten
bij het EU-visumbeleid, met visum-vrij reizen voor Turkse burgers als enige uitzondering.
De Commissie stelt dat Noord-Macedonië met voortdurende 100% GBVB-aansluiting op duidelijke
wijze de strategische oriëntatie op de EU richt.
Kabinetsappreciatie
De Commissie stelt volgens het kabinet terecht dat het afgelopen jaar grotendeels
gekenmerkt wordt door beperkte voortgang of stilstand, inclusief op de kernonderdelen
binnen het Fundamentals-cluster. Daarbij springt in het oog dat Noord-Macedonië geen voortgang heeft gemaakt
in de bestrijding van corruptie. Het kabinet is van mening dat de Commissie in het
rapport terecht de nadruk heeft gelegd op verschillende aanbevelingen en zorgpunten.
Het kiesstelsel is in grote lijnen in orde, maar uitstaande ODIHR, GRECO en Venetië
Commissie aanbevelingen dienen zo spoedig mogelijk opvolging te krijgen. Het kabinet
deelt de zorgen van de Commissie over de politieke polarisatie en onderschrijft de
aanbeveling om het oneigenlijke gebruik van spoedprocedures voor het aannemen van
wetgeving in te perken.
Het kabinet onderschrijft dat het afgelopen jaar weinig tot geen voortgang is gemaakt
binnen het Fundamentals-cluster. Daar waar het afgelopen jaar voortgang werd geboekt, betrof dit met name
aangenomen wetgeving en strategieën. Het kabinet deelt de serieuze zorgen van de Commissie
over de onafhankelijkheid van de rechtspraak en met name de aankondigingen van de
regering van Noord-Macedonië om de Judicial en Prosecutorial Councils te ontbinden, en roept Noord-Macedonië op om deze instellingen juist te versterken,
in lijn met de bevindingen van de Peer Review Missie uit 2023. Het kabinet herhaalt tevens de ernstige zorgen over de aanpassingen van
het Wetboek van Strafrecht, die tot negatieve gevolgen in de corruptiebestrijding
hebben geleid. Noord-Macedonië dient een nieuwe strafwet aan te nemen en hierbij het
EU-acquis en internationale standaarden te respecteren. Er is geen voortgang geboekt
op de bescherming van persoonsgegevens, hier vraagt het kabinet aandacht voor.
Het kabinet verwelkomt de voortdurende volledige aansluiting van Noord-Macedonië bij
het GBVB. Op het gebied van migratie onderschrijft het kabinet de aanbevelingen van
de Commissie, waarbij er in het bijzonder aandacht moet zijn voor verbetering van
de implementatie van asielprocedures en de toegang tot voorzieningen voor asielzoekers
en statushouders. Het kabinet acht de nagenoeg volledige aansluiting bij het EU-visumbeleid
en EU-wetgeving op migratie, en de versterkte samenwerking met Frontex positief. Deze
heeft onder andere geleid tot betere registratie aan de zuidgrens van Noord-Macedonië.
Servië
De Commissie roept Servië op continu aandacht te besteden aan de nodige balans tussen
voortgang op de rechtsstaathoofdstukken en de Dialoog met Kosovo aan de ene kant,
en voortgang op de overige thema’s aan de andere kant. Voortgang met rechtsstaatshervormingen
en normalisering van de relatie met Kosovo blijven het tempo van het toetredingsproces
bepalen. De Commissie herhaalt de conclusie dat Servië voldaan heeft aan de voorwaarden
voor het openen van Cluster 3.
De Commissie meldt dat de autoriteiten op hoog niveau nauwe relaties bleven onderhouden
met Rusland en de banden met China hebben aangehaald, wat vragen opwerpt over de strategische
koers van Servië. De Commissie stelt dat Servië prioriteit moet geven aan het significant
verbeteren van de GBVB-aansluiting (nu 51%), inclusief door aansluiting bij EU-sancties
en verklaringen tegen Rusland. Overigens verwijst de Commissie ook naar lopende samenwerking
met de EU op sanctieomzeiling, en voortdurende financiële en humanitaire steun van
Servië aan Oekraïne.
De Commissie concludeert dat de snelheid van het hervormingsproces, mede vanwege vroegtijdige
verkiezingen, is afgenomen en roept Servië op de (rechtsstaat)hervormingen te versnellen,
en veel meer prioriteit te geven aan proactieve en objectieve informatie voor haar
burgers over de EU en het tegengaan van desinformatie. De Commissie benadrukt dat
het kiesstelsel tastbare verbeteringen behoeft, mede op basis van ODIHR en Raad van
Europa aanbevelingen, en dat de controlefunctie van het parlement beperkt is. Het
werk van het maatschappelijk middenveld staat onder druk. De Commissie spreekt van
beperkte voortgang met justitiële hervormingen, inclusief de berechting van oorlogsmisdaden.
Een nieuwe anti-corruptiestrategie is aangenomen en zal nu geïmplementeerd moeten
worden. De Commissie roept Servië op een robuust track record in corruptiebestrijding op te bouwen. Voortgang op de thema’s vrijheid van meningsuiting
en openbaar bestuur bleef volgens de Commissie uit, met op vrijheid van meningsuiting
lagere scores dan in 2023.
De Commissie stelt dat Servië een significante bijdrage leverde aan asiel- en migratiemanagement,
en effectief bleef samenwerken met buurlanden en EU-lidstaten. Servië tekende een
nieuwe statusovereenkomst met Frontex, die ter bekrachtiging voorligt in het parlement.
De Commissie roept Servië op tot verdere aansluiting op het EU-visumbeleid.
De door de EU gefaciliteerde Belgrado-Pristina Dialoog over de normalisering van de
betrekkingen tussen Servië en Kosovo bleef gaande. De Commissie roept zowel Servië
als Kosovo op om zich serieus en constructief te committeren aan het normalisatieproces
en om de in Brussel en Ohrid gemaakte afspraken en de eerdere verplichtingen in het
kader van de Dialoog volledig te implementeren. Verwijzend naar de aanvallen in het
noorden van Kosovo in september 2023 herhaalt de Commissie de verwachting dat Servië
de nodige stappen onderneemt om de daders te arresteren en te berechten. De Commissie
onderstreept dat constructief engagement van Servië en Kosovo bij het normaliseren
van hun relatie een voorwaarde is om aanspraak te maken op fondsen uit de Hervormings-
en Groeifaciliteit voor de Westelijke Balkan.
Kabinetsappreciatie
Het kabinet herkent het realistische beeld dat de Commissie schetst, en deelt de zorgen
over de strategische koers van Servië. Het kabinet onderschrijft de bevindingen over
de beperkte bestrijding van corruptie, inclusief de confiscatie van criminele tegoeden,
georganiseerde misdaad en berechting van oorlogsmisdaden. Dit blijft voor het kabinet
een punt van zorg. Het besluit van Servië om deel te nemen aan trial monitoring van rechtszaken op het gebied van corruptie en georganiseerde misdaad, en de aanname
van een nieuwe anti-corruptiestrategie, is positief. Eerdere voortgang met constitutionele
hervormingen en de recente aanname van relevante wetgeving, hebben in de praktijk
de positie van de rechtspraak en het opsporingsapparaat nog onvoldoende versterkt.
Het rapport bevat terecht aanbevelingen om de onafhankelijkheid en de onpartijdigheid
van de rechterlijke macht te verbeteren.
Terecht uit de Commissie zorgen over politieke polarisatie. Het kabinet roept Servië
op opvolging te geven aan uitstaande aanbevelingen van ODIHR, GRECO en de Venetië
Commissie. Zorgen over mediavrijheid krijgen veel aandacht, waarbij ook op dit onderwerp
implementatie van regelgeving essentieel is. De appreciatie van de Commissie dat er
op dit vlak geen voortgang is geboekt, is in de ogen van het kabinet dan ook terecht.
De zorgen over de positie van het maatschappelijk middenveld herkent het kabinet.
Blijvende aandacht is tevens nodig voor de positie van de LHBTIQ+ gemeenschap.
Op het gebied van migratie onderschrijft het kabinet in grote lijnen de bevindingen
van de Commissie. Het kabinet erkent de samenwerking op migratiemanagement, verwelkomt
de ondertekening van een nieuwe statusovereenkomst met Frontex en roept op tot snelle
bekrachtiging door het parlement. Tegelijkertijd dient Servië de implementatie van
het asielbeleid te verbeteren, en blijft verdere aansluiting bij het EU-visumbeleid
noodzakelijk.
De Commissie is duidelijk over de noodzaak om stappen die indruisen tegen EU-beleid
na te laten en om anti-EU narratief, desinformatie en andere hybride dreigingen tegen
te gaan. Het kabinet vindt het voortdurend lage percentage van GBVB-aansluiting, inclusief
het niet overnemen van EU-sancties tegen Rusland, zorgelijk. Het kabinet blijft Servië,
als belangrijke partner van zowel de EU als Nederland, hierop aanspreken. Het kabinet
ziet de samenwerking van Servië met de EU rond sanctieomzeiling als belangrijk, dit
dient voortgezet te worden. Financiële, humanitaire en andere vormen van steun van
Servië aan Oekraïne verwelkomt het kabinet.
Over de spanningen tussen Servië en Kosovo deelt het kabinet de boodschap van de Commissie
dat Servië zich – net als Kosovo – moet committeren aan de door de EU gefaciliteerde
Dialoog voor de normalisering van de relaties en alle gemaakte afspraken volledig
moet implementeren. Het kabinet steunt de oproep aan beide partijen om zich te weerhouden
van unilaterale acties die tot verdere spanningen kunnen leiden. Terecht vermeldt
de Commissie de ernstige terugval in 2022 (boycot Kosovaarse instellingen door Kosovaarse
Serviërs) en 2023 (boycot lokale verkiezingen). Daarbij wijst de Commissie ook op
het feit dat Servië in september 2024 een oproep deed voor maatregelen om beide ongedaan
te maken. Daaraan moet gevolg worden gegeven in lijn met eerdere afspraken en Kosovaarse
wetgeving. Verwijzend naar de gewelddadigheden in Banjska (Noord-Kosovo) in september
2023 onderschrijft het kabinet dat Servië de nodige stappen dient te ondernemen om
de daders te arresteren en te berechten.
Hoewel het kabinet de herhaalde conclusie van de Commissie deelt dat Servië heeft
voldaan aan de technische benchmarks voor het openen van Cluster 3, zou het openen van dit Cluster op dit moment geen
recht doen aan de belangrijke zorgen over de rechtsstaat en de voortgang op de dialoog
met Kosovo. Het kabinet verwacht verdere stappen hierop. Hierbij verwijst het kabinet
naar het belang van evenredige voortgang op de rechtsstaathervormingen en de Dialoog
met Kosovo, en voortgang op de overige thema’s. Bovendien wordt verwacht dat Servië
nadrukkelijker aansluit bij het EU veiligheid- en buitenlandbeleid. Het kabinet blijft
de voortgang van Servië volgen.
Turkije
Turkije is sinds 1999 kandidaat-lidstaat en blijft voor de EU een belangrijke partner
op gebieden als migratie, terrorismebestrijding, economie en energie. De Commissie
ziet goede voortgang in de Turkse economie en monetair beleid, en enige voortgang
op beleidsterreinen als transportbeleid en vrij verkeer van kapitaal. Tegelijkertijd
stelt de Commissie dat er serieuze zorgen bestaan over de democratie, de rechtsstaat,
de rechterlijke onafhankelijkheid en fundamentele rechten. De druk op het maatschappelijk
middenveld is toegenomen. De Commissie concludeert dat de toetredingsonderhandelingen
nog steeds stilliggen, aangezien de feiten die hieraan ten grondslag liggen nog steeds
van toepassing zijn. Dit staat los van het feit dat de EU en Turkije een constructieve
relatie nastreven op gebieden van wederzijds belang.
De Commissie benadrukt Turkije’s belangrijke geopolitieke rol, maar wijst erop dat
Turkije zich niet bij de EU-sancties tegen Rusland heeft aangesloten. Ondanks enkele
maatregelen tegen sanctieomzeiling, blijft Turkije met een aansluitingspercentage
van 5% zeer sterk achter in GBVB-aansluiting. Verder stelt de Commissie vast dat de
betrekkingen met Griekenland sinds 2023 zijn verbeterd. Echter, Turkije blijft de
Republiek Cyprus niet erkennen en Turkije blijft pleiten voor een tweestatenoplossing,
wat tegen VN-resoluties ingaat.
De Commissie erkent dat Turkije een van de grootste vluchtelingengemeenschappen ter
wereld opvangt. De EU-Turkije Verklaring van maart 2016 blijft volgens de Commissie
het belangrijkste raamwerk voor migratiesamenwerking tussen de EU en Turkije. De Commissie
benadrukt het belang van volledige implementatie van de afspraken, waaronder het hervatten
van terugkeer van Syriërs van de Griekse eilanden naar Turkije. Tegelijkertijd uit
de Commissie waardering voor de samenwerking van Turkije met de EU bij het tegengaan
van irreguliere migratie. Voorts benadrukt de Commissie het belang van adequaat asiel-
en migratiemanagement in Turkije met inachtneming van internationale standaarden.
Tenslotte geeft de Commissie aan dat de EU opnieuw financieel heeft bijgedragen aan
de opvang van vluchtelingen en steun voor gastgemeenschappen.
Kabinetsappreciatie
Het kabinet deelt de serieuze zorgen van de Commissie over het gebrek aan voortgang
in Turkije op het gebied van de rechtsstaat, democratie, rechterlijke onafhankelijkheid
en fundamentele rechten en benadrukt in dit kader ook de positie van minderheden,
waaronder LHBTIQ+ personen. De positieve stappen in het Turkse monetaire beleid en
economie verwelkomt het kabinet, net als de Commissie.
Hoewel Turkije een rol speelt in de bemiddeling tussen Oekraïne en Rusland, blijft
het kabinet aandringen op aansluiting bij de EU-sancties tegen Rusland. Ondanks beperkte
stappen tegen sanctieomzeiling blijft de aansluiting van Turkije bij het GBVB zeer
laag. Het kabinet waardeert de verbeterde relaties tussen Turkije en Griekenland.
Tegelijkertijd blijft het kabinet bezorgd over de situatie in Noord-Cyprus en steunt
het VN-geleide proces voor een federatieve oplossing.
Het kabinet onderschrijft dat Turkije een belangrijke partner van de EU en een NAVO-bondgenoot
is. Het kabinet hecht aan een goede relatie met Turkije, omdat Turkije een belangrijke
partner is voor Nederland op terreinen als migratie, veiligheid, terrorismebestrijding,
energie en economie. In dat kader verwelkomt het kabinet de hernieuwde samenwerking
tussen de EU en Turkije, op terreinen als handel, economie, en migratie, waarbij er
op een gefaseerde, proportionele en omkeerbare wijze samengewerkt wordt op terreinen
van wederzijds belang (zie ook Kamerstuk 21 501-20, nr. 2066).
De Commissie stelt terecht dat dialogen over rechtsstaat en fundamentele rechten integraal
onderdeel blijven van de EU-Turkije relatie. In dit verband blijft het kabinet zich
inzetten voor het respecteren van de uitspraken van het EHRM door Turkije, conform
de motie van de leden Piri en Kahraman (Kamerstuk 21 501-20, nr. 2072).
Het kabinet onderschrijft de grote inspanning die Turkije levert met de opvang van
bijna vier miljoen vluchtelingen en benadrukt dat Turkije hier terecht in wordt ondersteund
door de EU. Het kabinet onderschrijft de constatering van de Commissie dat het van
belang is dat de EU-Turkije-verklaring van maart 2016 volledig uitgevoerd wordt. Het
kabinet kaart zorgen rondom de opvang van vluchtelingen in Turkije, waaronder de omstandigheden
in uitzetcentra, aan bij de Turkse autoriteiten, zodat misstanden aangepakt en voorkomen
kunnen worden.
Het kabinet deelt de conclusie van de Commissie dat de redenen voor het stilliggen
van de toetredingsonderhandelingen nog steeds gelden. Conform de motie van de leden
Roemer en Segers (Kamerstuk 32 824, nr. 158) zal het kabinet binnen de EU blijven pleiten voor opschorting van de pre-toetredingssteun
aan Turkije. Daarnaast blijft het kabinet zich, volgens de motie van de leden Van
Ojik en Van den Hul (Kamerstuk 21 501-20, nr. 1207), inzetten voor het behoud van steun aan organisaties die opkomen voor mensenrechten.
Georgië
De Europese Raad verleende Georgië in december 2023 kandidaat-lidstatus met dien verstande
dat Georgië zou voldoen aan negen stappen uit de aanbeveling van de Commissie van
8 november 2023.2 Deze stappen zijn primair gericht op hervormingen van de rechtsstaat, democratie
en mensenrechten. De Commissie blikt terug op verschillende negatieve ontwikkelingen
sindsdien en constateert dat het toetredingsproces van Georgië de facto is stilgelegd.
Dit is in lijn met de Conclusies van de Europese Raad van juni en oktober jl.
De Commissie is kritisch over het functioneren van het democratisch bestel, en het
parlement in het bijzonder, wijst op sterke polarisatie, en op de noodzaak om gehoor
te geven aan aanbevelingen van ODIHR en de Venetië Commissie. Een levendig maatschappelijk
middenveld werkt, volgens de Commissie, onder toenemend zware omstandigheden. De Commissie
spreekt van backsliding op zowel de rechtspraak als op grondrechten en vrijheid van meningsuiting en beperkte
voortgang met bestrijding van corruptie en georganiseerde misdaad. De Commissie doet
verschillende aanbevelingen op deze thema’s, en roept Georgië op hier opvolging aan
te geven.
Naast de gebruikelijke analyse van ontwikkelingen vallend onder het Fundamentals-cluster, gaat de Commissie ook specifiek in op de genoemde «negen stappen», en concludeert
dat daarop verwaarloosbare voortgang is geboekt. De Commissie stelt onder andere dat:
• desinformatie en inmenging gericht tegen EU-waarden toenam, met name sinds de aanname
van de Law on Transparency of Foreign influence (de zogenoemde Foreign Agents Law) en in aanloop naar de parlementaire verkiezingen van 26 oktober jl.;
• de mate van aansluiting bij het GBVB laag blijft (49%);
• politieke polarisatie toenam, wetgevingsprocessen niet inclusief waren, en dreigementen
geuit werden door leiders van de parlementaire meerderheid aan het adres van de oppositie
en het maatschappelijk middenveld;
• de recente verkiezingen en de eerste bevindingen van ODIHR bevestigen dat een algehele
herziening van het kiesstelsel noodzakelijk is, in lijn met eerdere aanbevelingen;
• toezicht op veiligheidsdiensten beperkt is, en er geen stappen zijn ondernomen om
de onafhankelijkheid van de Nationale Bank te versterken. Wel zijn enkele stukken
regelgeving aangenomen betreffende de zogenoemde Communicatie Commissie;
• benoemingen en stappen die gezet zijn met betrekking tot het functioneren van de rechtspraak
en het openbaar ministerie over de gehele linie niet in lijn zijn met aanbevelingen
van de Venetië Commissie en Europese standaarden;
• aanpassingen aan de Wet op Corruptiebestrijding geen opvolging geven aan de belangrijkste
Venetië Commissie aanbevelingen;
• het actieplan van november 2023 dat gericht is op de-oligarchisering voortbouwt op
aanbevelingen van de Venetië Commissie, maar geen consultaties met alle politieke
partijen en het maatschappelijk middenveld voorziet. Ook zijn de wetswijzigingen die
de belastingvrije overheveling van offshore fondsen naar Georgië mogelijk maken niet
in lijn met internationale standaarden;
• verschillende stukken wetgeving, waaronder de Law on Transparency of Foreign Influence en de Law on family values and protection of minors (de zogenoemde anti-LHBTIQ+ wet), indruisen tegen Europese en internationale standaarden,
zoals de Venetië Commissie heeft vastgesteld. Ook namen intimidatie van en aanvallen
op vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld toe.
Kabinetsappreciatie
De Commissie is duidelijk: er is geen significante voortgang op de negen noodzakelijke
hervormingsstappen op de rechtsstaat, democratie en mensenrechten. Integendeel, de
Commissie constateert terecht backsliding op zowel het gebied van de rechtspraak als op grondrechten en vrijheid van meningsuiting.
Het kabinet onderschrijft deze beoordeling en wijst op ernstige ontwikkelingen die
het toetredingsproces de facto stil hebben gelegd.
Het kabinet is ernstig bezorgd over de terugval in vrijheid van meningsuiting en de
staat van de rechterlijke macht. Intimidatie van journalisten, vijandige retoriek
en beperkende wetten zoals de zogenoemde Foreign Agents Law en anti-LHBTIQ+ wet ondermijnen de mediavrijheid en botsen met mensenrechtenstandaarden.
Het niet uitvoeren van gerechtelijke hervormingen en recente benoeming binnen het
rechtssysteem zonder oppositiesteun bedreigen de onafhankelijkheid van de rechterlijke
macht. Het kabinet deelt bovendien de zorgen van de Commissie over de verkiezingen
van 26 oktober jl., die, zoals ook is geconcludeerd door internationale waarnemers,
in een gepolariseerd klimaat plaatsvonden en werden getekend door een ongelijk speelveld,
druk en intimidatie, hetgeen het vertrouwen in het democratische proces heeft ondermijnd.
Net als de Commissie, constateert het kabinet dat de GBVB-aansluiting van Georgië
zeer laag is. Hoewel Georgië heeft samengewerkt met de EU om sanctieomzeiling te voorkomen,
heeft het zich niet aangesloten bij EU-sancties tegen Rusland, Wit-Rusland en Iran
en is het aantal directe vluchten naar Rusland juist toegenomen.
Het kabinet stelt vast dat het verlenen van kandidaat-lidstatus aan Georgië in december
2023 niet is gevolgd door politieke inzet van de autoriteiten om de noodzakelijke
hervormingen door te voeren, en benadrukt dat de recente negatieve ontwikkelingen
het vertrouwen in de Europese koers van Georgië hebben ondermijnd. Indien Georgië
serieus stappen wil zetten richting EU-lidmaatschap, stelt het kabinet dat het land
overtuigend moet aantonen zich te committeren aan hervormingen die een inclusieve
democratie en bescherming van mensenrechten waarborgen. Het kabinet acht het noodzakelijk
dat Georgië de zogenoemde Foreign Agents Law en de anti-LHBTIQ+ wet intrekt en dringend de negen hervormingsstappen uitvoert.
Het kabinet onderschrijft de conclusie van de Commissie dat het toetredingsproces
van Georgië de facto tot stilstand is gekomen door de negatieve acties van de Georgische
autoriteiten. Het kabinet blijft open staan voor het verbeteren van de relaties met
Georgië. Echter, het kabinet volgt de Commissie in haar conclusie dat het toetredingsproces
blijft stilliggen, tenzij Georgië zijn huidige koers wijzigt en concrete voortgang
boekt met het adresseren van alle zorgen en het doorvoeren van essentiële hervormingen.
Moldavië
De Europese Raad verleende Moldavië in juni 2022 kandidaat-lidstatus en in december
2023 besloot de ER om de onderhandelingen te openen. In juni jl. nam de Raad het onderhandelingsraamwerk
aan, nadat Moldavië aan de gestelde vereisten had voldaan. De Commissie stelt vast
dat het screeningsproces sindsdien soepel verloopt en ziet uit naar het openen van
clusters, te beginnen met de Fundamentals, zo snel mogelijk in 2025, mits aan de voorwaarden voldaan is.
De Commissie noemt het referendum van 20 oktober jl. waar 50,38% van de stemmers het
opnemen van EU-toetreding in de Moldavische Grondwet steunde. De Commissie refereert
ook aan het voorstel voor een Groeiplan voor Moldavië (Kamerstuk 22 112, nr. 3978). De Commissie onderstreept dat Moldavië hervormingen heeft doorgevoerd, ondanks
voortdurende Russische inmenging en de impact van de Russische agressieoorlog in Oekraïne.
De aansluiting van Moldavië bij het EU-GBVB is gestegen naar 90%. Moldavië implementeert
in lijn met de aanbevelingen van de 2023 EU
Hybrid Risk Survey diverse maatregelen om de weerbaarheid tegen hybride dreigingen te versterken. Tevens
neemt Moldavië stappen om desinformatie te bestrijden en cybersecurity te versterken.
Moldavië heeft enige voortgang geboekt bij de hervorming van de justitiële sector,
onder andere via de doorlichting van rechters en aanklagers. Ook op het gebied van
corruptie constateert de Commissie dat enige voortgang is geboekt. Zo is een nationaal
integriteits- en anti-corruptieprogramma voor 2024–2028 in werking getreden. Blijvende
aandacht is nodig voor onder andere de benoemingen van hoge rechters, anti-corruptieonderzoeken
en veroordelingen, het versterken van de nationale integriteitsautoriteit en het bestrijden
van geweld tegen vrouwen. Aanbevelingen van de Venetië Commissie in dit kader dienen
te worden nageleefd, aldus de Commissie.
Als het gaat om vrijheid van meningsuiting heeft Moldavië enige voortgang geboekt,
met name door het aannemen van wetgeving over informatietoegang en concentratie van
media-eigendom. De Commissie benoemt dat intimidatie van journalisten echter door
is gegaan. Verschillende internationale verdragen moeten nog worden geratificeerd
en betere naleving van het EVRM blijft nodig.
Moldavië heeft volgens de Commissie enige voortgang geboekt bij de strijd tegen georganiseerde
misdaad, met name op het gebied van wapen-, drugs- en mensensmokkel. Wat betreft migratie
constateert de Commissie dat de Moldavische wetgeving deels in lijn is met het EU-acquis
en dat Moldavië zijn aansluiting bij het systeem van tijdelijke bescherming voor Oekraïense
ontheemden heeft verlengd tot 2025. De Commissie verwelkomt de samenwerking langs
de Oekraïens-Moldavische grens met Frontex. De Commissie stelt dat migratiemanagement
van Moldavië bevredigend is, maar dat asielmanagement verbeterd moet worden. De stijging
van het aantal asielzoekers, met name uit Oekraïne, zet druk op het systeem.
Kabinetsappreciatie
Het kabinet onderschrijft over de hele linie de bevindingen van de Commissie. Moldavië
heeft, ondanks de uitzonderlijke omstandigheden, voortgang geboekt met de benodigde
hervormingen, die ook na het aannemen van het onderhandelingsraamwerk zijn voortgezet.
Moldavië bevindt zich aan het begin van het toetredingsproces. Het kabinet deelt de
mening van de Commissie dat verdere inspanningen en resultaten vereist zijn om de
positieve trend door te zetten.
Het kabinet deelt de visie dat Moldavië weerbaarheid heeft getoond in het licht van
voortdurende Russische inmenging. Daarbij benadrukt het kabinet het belang om bij
het tegengaan van hybride dreigingen zeker te stellen dat de democratische rechtsorde
gewaarborgd blijft. Het kabinet onderschrijft het oordeel van de Commissie dat verdere
voortgang is gemaakt met justitiële hervormingen, inclusief de doorlichting van de
rechterlijke macht. Het kabinet moedigt Moldavië aan dit voort te zetten, aanbevelingen
van de Venetië Commissie na te leven en hervormingen te bestendigen. Dit geldt tevens
voor de-oligarchisering, waar implementatie van de relevante maatregelen nodig blijft.
Het kabinet deelt het oordeel dat Moldavië enige voortgang heeft geboekt op corruptiebestrijding.
Evenwel valt nog het nodige werk te verzetten om het track record te versterken. Hierbij dient Moldavië onder andere de coördinatie en samenwerking
tussen de relevante instellingen te verbeteren, en opvolging te geven aan uitstaande
GRECO en ODIHR aanbevelingen. Het is positief dat het kader tegen georganiseerde criminaliteit
in Moldavië over het algemeen op orde is. Wel is specifieke aandacht nodig voor de
aanpak van cybercrime en verbetering van de aanpak van drugssmokkel. Ook acht het
kabinet het, in lijn met de aanbevelingen van de Commissie, noodzakelijk dat Moldavië
inzet op een robuuste anti-fraude-aanpak.
Het kabinet onderschrijft de bevindingen van de Commissie dat het wettelijk en institutioneel
raamwerk voor het waarborgen van fundamentele rechten grotendeels aanwezig is en het
maatschappelijk middenveld grotendeels in een gunstig klimaat opereert. Het mandaat
van de Raad voor Strategische Investeringen om media te ontdoen van voortvluchtige
oligarchen en buitenlandse inmenging, mede door het intrekken van vergunningen, is
van belang, maar moet meer in overeenstemming worden gebracht met EU-normen.
Door de oorlog in Oekraïne is Moldavië niet alleen een transit-, maar ook een bestemmingsland
voor vluchtelingen geworden. Het kabinet onderschrijft de oproep van de Commissie
aan Moldavië om het asielsysteem te verbeteren, onder andere door het asielagentschap
van meer middelen te voorzien en de informatievoorziening over de asielprocedure te
verbeteren. Moldavië dient tevens het visumbeleid verder te harmoniseren met dat van
de EU. Ook in algemene zin is het van groot belang dat Moldavische instellingen voldoende
capaciteit hebben om de benodigde hervormingen door te voeren. Het kabinet verwelkomt
de verder toegenomen GBVB-aansluiting van Moldavië.
Het openen van onderhandelingsclusters, te beginnen met Cluster 1 is de eerstvolgende
reguliere stap aan het begin van het toetredingsproces van Moldavië. Wanneer de Commissie
het voorstel doet om Cluster 1 te openen, zal het kabinet hier met een kritisch-constructieve
grondhouding naar kijken, mits Moldavië aan de voorwaarden voldoet en er overeenstemming
wordt bereikt in de Raad over het vaststellen van gepaste benchmarks. Ook bij toekomstige voorstellen om verdere clusters te openen, zal het kabinet de
vorderingen op het gebied van de rechtsstaathervormingen blijven meewegen.
Oekraïne
De Europese Raad verleende Oekraïne in juni 2022 kandidaat-lidstatus en in december
2023 besloot de ER om de onderhandelingen met Oekraïne te openen. In juni jl. nam
de Raad het onderhandelingsraamwerk aan, nadat Oekraïne aan de gestelde vereisten
had voldaan. De Commissie stelt vast dat het screeningsproces sindsdien soepel verloopt
en ziet uit naar het openen van clusters, te beginnen met de Fundamentals, zo snel mogelijk in 2025, mits aan de voorwaarden voldaan is. De Commissie benadrukt
dat Oekraïne ondanks de voortdurende Russische agressieoorlog opmerkelijke veerkracht
en toewijding aan het EU-pad getoond heeft. De aansluiting van Oekraïne bij het EU-GBVB
is gestegen naar 95%.
Oekraïne heeft enige voortgang geboekt met justitiële hervormingen, onder andere middels
de lopende doorlichting van de rechtspraak en de implementatie van de wetten over
de selectie en benoeming van rechters. De Commissie wijst tevens op de menselijke
tol die de Russische agressie op de justitiële sector heeft gelegd, omdat meerdere
rechters en rechtbankmedewerkers werden gedood. In augustus jl. heeft Oekraïne het
Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof geratificeerd. Ook op het gebied
van corruptiebestrijding constateert de Commissie dat enige voortgang is geboekt,
onder andere via het versterken van anti-corruptieagentschappen en het vervolgen van
high-level corruptiezaken. De Commissie spreekt van een ongeëvenaard aantal aanklachten en veroordelingen.
Oekraïne heeft tevens enige voortgang geboekt bij de strijd tegen georganiseerde misdaad,
met name door het aannemen van wetgeving tegen smokkel en witwassen.
De Commissie stelt dat Oekraïne een aantal belangrijke hervormingen op het gebied
van fundamentele rechten heeft doorgevoerd, zoals de herziening van wetweging inzake
de rechten van nationale minderheden. Andere hervormingen, zoals de implementatie
van de Istanbul Conventie, moeten volgens de Commissie nog worden doorgevoerd. Het
maatschappelijk middenveld opereert grotendeels in een gunstig klimaat. De Commissie
roept Oekraïne op om waar nodig bestaande mechanismen te versterken om activisten
te beschermen. Ook roept de Commissie op om te blijven werken aan de veiligheid en
onafhankelijkheid van journalisten en een pluralistisch medialandschap.
Migratie- en asielwetgeving is gedeeltelijk in lijn met EU-acquis en de Commissie
is van mening dat migratie- en asielmanagement verbeterd moet worden door voldoende
middelen hiervoor vrij te maken. Oekraïne moet voorbereid zijn op gesprekken met het
Europees Asielagentschap (EUAA) over een routekaart voor bilaterale samenwerking.
Kabinetsappreciatie
Het kabinet onderschrijft de bevindingen van de Commissie. Oekraïne bleef dit jaar,
ook na het aannemen van het onderhandelingsraamwerk, hervormingen doorvoeren onder
uitzonderlijke omstandigheden waar het land voor geplaatst staat door de Russische
agressie. Dit getuigt van grote toewijding. De Commissie spreekt van enige en/of beperkte
voortgang op alle politieke en economische criteria vallend onder Cluster 1. Oekraïne
bevindt zich evenwel aan het begin van het toetredingsproces. Het kabinet deelt de
oproep van de Commissie om door te gaan met de hervormingen.
Het kabinet herkent het positieve beeld over verbeterde track record in de corruptiebestrijding. Verdere versterking van deze instellingen blijft nodig.
Ook de ingezette doorlichting en aangepaste benoemingsprocedures binnen de rechtspraak
zijn positief. Deze trend dient voortgezet te worden, ook om het lage publieke vertrouwen
in de rechtspraak te verbeteren, waarbij aandacht onder andere nodig is voor de hervorming
van het Hooggerechtshof. Voor het kabinet is een solide aanpak van fraude en corruptie
cruciaal. Het kabinet deelt met de Commissie de mening dat migratie- en asielmanagement
verder verbeterd moeten worden.
Ondanks het levendige maatschappelijk middenveld en medialandschap blijft vrijheid
van meningsuiting en mediavrijheid een aandachtspunt, mede als gevolg van de beperkingen
op basis van de staat van beleg. De Commissie roept terecht op om de samensmelting
van tv-kanalen te heroverwegen. Het kabinet deelt de zorgen van de Commissie over
incidenten waar de ruimte voor het maatschappelijk middenveld en journalisten wordt
ingeperkt, en de uitdagingen bij veilige gegevensdeling en informatie-uitwisseling.
Het kabinet onderschrijft ook de aanbevelingen van de Commissie op deze thema’s.
Positief is de hoge en toegenomen mate van aansluiting van Oekraïne op het EU-GBVB
(95%). Het kabinet verwelkomt tevens de belangrijke ratificatie van het Statuut van
Rome in augustus, hoewel nationale wetgeving nog dient te worden verbeterd om volledig
aan te sluiten op internationale standaarden, zoals de Commissie terecht opmerkt.
Aandachtspunt is ook de implementatie van de Istanbul Conventie, hetgeen zoals de
Commissie benoemt uitblijft ondanks de ratificatie in 2022.
Het openen van onderhandelingsclusters, te beginnen met Cluster 1 is de eerstvolgende
reguliere stap aan het begin van het toetredingsproces van Oekraïne. Wanneer de Commissie
het voorstel doet om Cluster 1 te openen, zal het kabinet hier met een kritisch-constructieve
grondhouding naar kijken, mits Oekraïne aan de voorwaarden voldoet en er overeenstemming
wordt bereikt in de Raad over het vaststellen van gepaste benchmarks. Ook bij toekomstige voorstellen om verdere clusters te openen, zal het kabinet de
vorderingen op het gebied van de rechtsstaathervormingen blijven meewegen.
Subsidiariteit en proportionaliteit
Het kabinet heeft een positieve grondhouding ten aanzien van de subsidiariteit van
de Commissiemededeling. Het EU-uitbreidingsbeleid is per definitie een beleidsterrein
dat alleen op EU-niveau uitgevoerd kan worden. Ten aanzien van het proportionaliteitsoordeel
heeft het kabinet eveneens een positieve grondhouding. De mededeling geeft uitvoering
aan het door de Europese Raad vastgestelde uitbreidingsbeleid en heeft tot doel de
voortgang van de toetredings-gerelateerde hervormingen in kandidaat-lidstaten te evalueren
en een basis te vormen voor de Raad om eventueel vervolgstappen te nemen in de onderscheiden
toetredingsprocessen. De mededeling, inclusief de afzonderlijke landenrapporten, is
informatief van aard, ondersteunend voor de besluitvorming en daarmee geschikt om
de voortgang te evalueren en eventueel te besluiten tot vervolgstappen. Bovendien
gaat de mededeling niet verder dan noodzakelijk, omdat de mededeling dient ter ondersteuning
van de besluitvorming in de Raad en om kandidaat-lidstaten richting te geven.
Annex: Clusters en hoofdstukken van het toetredingsproces
Cluster 1
Fundamentals
Hoofdstuk 5: Overheidsopdrachten
Hoofdstuk 18: Statistieken
Hoofdstuk 23: Rechterlijke macht en grondrechten
Hoofdstuk 24: Rechtvaardigheid, vrijheid en veiligheid
Hoofdstuk 32: Financiële controle
Thema’s: Economische criteria, functioneren van democratische instellingen, openbaar
bestuur.
Cluster 2
Interne markt
Hoofdstuk 1: Vrij verkeer van goederen
Hoofdstuk 2: Vrij verkeer van werknemers
Hoofdstuk 3: Recht van vestiging en vrij verrichten van diensten
Hoofdstuk 4: Vrij verkeer van kapitaal
Hoofdstuk 6: Vennootschapsrecht
Hoofdstuk 7: Intellectueel eigendomsrecht
Hoofdstuk 8: Mededingingsbeleid
Hoofdstuk 9: Financiële diensten
Hoofdstuk 28: Consumenten- en gezondheidsbescherming
Cluster 3
Concurrentievermogen en inclusieve groei
Hoofdstuk 10: Informatiemaatschappij en media
Hoofdstuk 16: Belastingen
Hoofdstuk 17: Economisch en monetair beleid
Hoofdstuk 19: Sociaal beleid en werkgelegenheid
Hoofdstuk 20: Ondernemings- en industriebeleid
Hoofdstuk 25: Wetenschap en onderzoek
Hoofdstuk 26: Onderwijs en cultuur
Hoofdstuk 29: Douane-unie
Cluster 4
Groene agenda en duurzame connectiviteit
Hoofdstuk 14: Vervoersbeleid
Hoofdstuk 15: Energie
Hoofdstuk 21: Trans-Europese netwerken
Hoofdstuk 27: Milieu
Cluster 5
Hulpbronnen, landbouw en cohesie
Hoofdstuk 11: Landbouw en plattelandsontwikkeling
Hoofdstuk 12: Voedselveiligheid, veterinair en fytosanitair beleid
Hoofdstuk 13: Visserij
Hoofdstuk 22: Regionaal beleid en coördinatie van de structuurinstrumenten
Hoofdstuk 33: Financiële en budgettaire bepalingen
Cluster 6
Externe betrekkingen
Hoofdstuk 30: Externe betrekkingen
Hoofdstuk 31: Buitenlands, veiligheids- en defensiebeleid
Overige
Hoofdstuk 34: Instellingen
Hoofdstuk 35: Overige vraagstukken
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
C.C.J. Veldkamp, minister van Buitenlandse Zaken