Brief regering : Stand van zaken t.a.v. Halt interventie Sport en Gedrag
25 232 Voetbalvandalisme
Nr. 89
BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 november 2024
Tijdens het tweeminutendebat voetbal en veiligheid van 5 november 2024 heeft het lid
Van Nispen (SP) een motie voorgedragen waarin hij de regering verzoekt de gedragsinterventie
Sport en Gedrag van Halt onderdeel te maken van de reguliere taken van Halt.1 Hij heeft deze motie aangehouden tot de begrotingsbehandeling van het Ministerie
van Justitie en Veiligheid op voorwaarde dat de Kamer voor die tijd een terugkoppeling
heeft gekregen van het gesprek tussen het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn
en Sport en het Ministerie van Justitie en Veiligheid over de voortzetting van de
Halt interventie Sport en Gedrag.2 Dit vanwege de zorgen dat het budget van de gedragsinterventie nu al bijna is uitgeput
en de voortzetting daardoor in het gedrang zou komen.
De uitkomst van het gesprek met het Ministerie van VWS is dat Halt aan het Ministerie
van VWS heeft laten weten dat er op basis van het huidige beeld, in tegenstelling
tot de eerdere berichtgeving, voldoende financiële middelen zijn om de Halt interventie
tot en met eind 2025 aan te kunnen blijven bieden.
Daarnaast worden er voor eind van dit jaar nog (opnieuw) gesprekken gevoerd met de
betrokkenen partijen zoals de KNVB en Halt om de mogelijkheden te verkennen voor de
structurele voorzetting van de Halt interventie na 2025. Ik wil nogmaals benadrukken
dat ik het belang van de voortzetting van effectieve interventies onderschrijf. Echter,
zoals ook in de voortgangsbrief voetbal en veiligheid van 9 oktober 2024 vermeld,
zijn er vanuit het Ministerie van VWS na 2025 geen financiële middelen om vervolg
te kunnen geven aan de gedragsinterventie.3 Ook vanuit het Ministerie van JenV is het niet mogelijk om de interventie als structurele,
justitiële taak onder te brengen. Er zal met de betrokkene partijen worden verkend
hoe de Halt interventie aangeboden kan blijven, waarbij ook nadrukkelijk wordt gekeken
naar financieringsmogelijkheden van andere partijen dan de Rijksoverheid.
Conform de aangenomen motie van leden Mutluer (PvdA) en Boswijk (CDA),4 zoals ingediend tijdens hetzelfde tweeminutendebat zal ik u, uiterlijk bij voorjaarsnota,
informeren over de uitkomst hiervan.
De Minister van Justitie en Veiligheid,
D.M. van Weel
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid